Naar hoofdinhoud

Artikel 3

Ondersteuningsbehoeften

Onderdeel van Beleidsregels begeleiding: ondersteuningsbehoeften Wmo 2020

De maatwerkvoorziening ondersteuning kan zowel individueel, in groepsverband, of in een combinatie van beide worden geboden. Ondersteuning individueel wordt over het algemeen individueel ingevuld en richt zich vooral op ondersteuning bij de uitvoering van de dagelijkse handelingen en vaardigheden3Dagelijkse handelingen en vaardigheden zijn de dagelijks terugkerende basishandelingen die iemand moet doen om zelfstandig te kunnen blijven leven op een binnen de maatschappij fatsoenlijk geacht niveau. Hieronder vallen ook handelingen als financiën/administratie, huishoudelijk werk, boodschappen doen, enzovoort. . Bij ondersteuning groep wordt de ondersteuning groepsgewijs uitgevoerd. Bij de ondersteuning die hiervoor wordt ingezet, staat het te bereiken resultaat voor de inwoner centraal. De toegangsmedewerker bepaalt (op basis van onderzoek en afstemming met de inwoner) welke resultaten behaald moeten worden. Op basis van de beoogde resultaten bepaalt de toegangsmedewerker welke (combinatie van) ondersteuningsbehoeften, niveaus en modules worden ingezet. Vervolgens bepaalt de toegangsmedewerker het aantal in te zetten minuten of dagdelen voor de duur van de zorginzet. Dit leidt tot een maximaal aantal minuten of dagdelen welke de aanbieder van de ondersteuning beschikbaar heeft/kan gebruiken om het resultaat te bereiken. Deze gegevens worden vastgelegd in het ondersteuningsplan. Ondersteuning in groepsverband is voorliggend op individuele ondersteuning als dezelfde resultaten kunnen worden behaald en als de geboden ondersteuning een adequate oplossing is voor de inwoner. De ondersteuning in groepsverband is dan de goedkoopst passende voorziening in de zin van artikel 2.11, eerste lid van de Verordening maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp gemeente Hellendoorn 2019. Reisafstand ondersteuningsbehoefte groep Het uitgangspunt bij de inzet van ondersteuning in groepsverband is dat deze bij een passend aanbod door de dichtstbijzijnde zorgaanbieder wordt verleend. Hiermee wordt de reistijd van de inwoner zoveel mogelijk beperkt. Wat betreft het vervoer van en naar de ondersteuning in groepsverband, is het uitgangspunt dat de inwoner zelf (bijvoorbeeld met eigen fiets of auto, of met openbaar vervoer), of met hulp van de omgeving zoveel als mogelijk zorgt voor het vervoer. Als de inwoner beschikt over en gebruik kan maken van een eigen vervoermiddel, dan komt de inwoner in principe niet in aanmerking voor een vervoersindicatie. Wanneer de inwoner niet beschikt over een eigen vervoermiddel of het gebruik van het eigen vervoermiddel in zijn geval voor dat doel niet geschikt is en er geen andere alternatieve vervoersoplossingen zijn, kan een maatwerkvoorziening vervoer worden toegekend4Zie artikel 4.1, derde lid van de Verordening maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp gemeente Hellendoorn 2019. . De gemeente vergoedt in dat geval de vervoerskosten naar de dichtstbijzijnde passende zorgaanbieder5Zie artikel 8.1, tweede lid, aanhef en onder a, van de Verordening maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp gemeente Hellendoorn 2019 en de toelichting op dit artikel. . Evaluatie te bereiken resultaten De zorgaanbieder bepaalt hoe de resultaten bereikt worden. De toegangsmedewerker bepaalt of er eventueel tussentijdse evaluatiemomenten nodig zijn en spreekt dit af met de inwoner en de zorgaanbieder. Tijdens en na de zorginzet is de zorgaanbieder verantwoordelijk voor het behalen van de resultaten. De zorgaanbieder meldt tijdig aan de toegangsmedewerker als de resultaten niet behaald gaan worden. De toegangsmedewerker kan dan besluiten tot een tussentijds evaluatiemoment waarin nader onderzoek plaatsvindt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel