Onderzoeksmethoden en onderzoeksbevoegdheden kunnen per onderzoek verschillen en worden, met in achtneming van het gestelde in artikel 8.1, neergelegd in een werkinstructie als onderdeel van de opdrachtverstrekking aan de onderzoeker. Indien tijdens de uitvoering van het feitenonderzoek blijkt dat het noodzakelijk is om additionele onderzoeksmethoden in te zetten dan gebeurt dit – net als bij de initiële opdrachtverstrekking - niet zonder uitdrukkelijke toestemming van de verantwoordelijke.
De volgende onderzoeksmethoden zijn - onder andere – mogelijk (niet limitatief):
Raadplegen van dossiers: onder andere personeelsdossiers en dossiers op het gebied van interne administratie en bedrijfsvoering (bijvoorbeeld facturen, contracten, aanbestedingen, offertes (daaronder begrepen het raadplegen van geautomatiseerde systemen met betrekking tot deze dossiers);
Raadplegen van geautomatiseerde bestanden: zoals met betrekking tot personeelsgegevens (o.a. YouForce) en geautomatiseerde betalingssystemen en registratiesystemen (zoals tijd- en toegangsregistratie of logbestanden van specifieke applicaties) om informatie veilig te stellen en te verstrekken;
Geautomatiseerde bestanden bestemd voor de uitvoering van gemeentelijke taken (zoals bestanden bij burgerzaken, de BRP, en bij de sociale dienst) zijn alleen in te zien indien dit noodzakelijk is om een schending met betrekking tot die taken vast te stellen op basis van de daartoe geldende regelgeving/protocollen met betrekking tot ICT-gebruik, informatie-beveiliging dan wel privacybescherming. Zo nodig vindt overleg plaats met de functionaris voor de gegevensbescherming (FG);
Raadplegen van e-mail, Outlook-agenda, internetgebruik en communicatiemiddelen: zoals aard, volume en inhoud zakelijk e-mailverkeer, agenda-items, en frequentie, tijdsduur en soort websites bij internetgebruik op basis van de daartoe geldende regelgeving/protocollen met betrekking tot ICT-gebruik, informatiebeveiliging dan wel privacybescherming. Zo nodig vindt overleg plaats met de functionaris voor de gegevensbescherming (FG);
Raadplegen openbare bronnen: zoals Kamer van Koophandel, Kadaster, internet.
Doorzoeken van de werkplek: onderzoek kasten, bureau, voertuigen, geautomatiseerde data –en systeembestanden vindt zoveel mogelijk in aanwezigheid van betrokkene plaats en indien wenselijk de direct leidinggevende maar kan in het belang van het onderzoek ook buiten aanwezigheid van betrokkene en leidinggevende plaatsvinden.
Observatie: kan worden gebruikt indien gedragingen van iemand of de benodigde informatie niet rechtstreeks aan betrokkene of een derde kan worden gevraagd in het belang van het onderzoek. De observatie, waarbij gebruik gemaakt kan worden van een foto- en/of videocamera, kan zowel binnen werktijd als buiten werktijd plaatsvinden, bijvoorbeeld bij een vermoeden van oneigenlijk ziekteverzuim of het vermoeden van onverenigbare nevenactiviteiten. Voorafgaand aan het gebruik van observatie zal door de functionaris gegevensbescherming (FG) aan vastgestelde (wettelijke) verplichtingen worden getoetst en voldaan.
Artikel 8.3