Naar hoofdinhoud

Artikel 1.6

WEIGERINGSGRONDEN

Onderdeel van Regeling Tweejarige subsidies Cultuurmakers 2023-2024

1.. Het bestuur weigert de aanvraag als: de aanvrager op grond van artikel 1.3 niet voor subsidie in aanmerking komt; de activiteiten op grond van artikel 1.4 niet voor subsidie in aanmerking komen; de aanvraag na het uiterste indienmoment is ontvangen; de aanvraag geen betrekking heeft op de eerstvolgende twee kalenderjaren, volgend op de aanvraag. 2.. Het bestuur weigert de subsidie geheel of gedeeltelijk als: gegronde reden bestaat om aan te nemen dat de activiteiten van de aanvrager niet of niet in overwegende mate gericht zullen zijn op de gemeente Amsterdam of haar ingezetenen; de gevraagde subsidie meer dan 75% van de totale jaarbegroting bedraagt; de gevraagde subsidie minder dan 10% van de totale jaarbegroting bedraagt; de aanvrager geen jaarlijkse openbare, voor het publiek toegankelijke uitvoering, presentatie of tentoonstelling in Amsterdam verzorgt in de periode waarvoor de subsidie wordt aangevraagd; de activiteit waarvoor subsidie wordt aangevraagd binnen- of buitenschoolse cultuureducatie betreft of beroepsmatig worden uitgevoerd; de activiteiten waarvoor wordt aangevraagd religieuze of politieke doeleinden hebben; de aanvrager doelen nastreeft, activiteiten ontplooit of handelingen verricht die in strijd zijn met het recht, het algemeen belang of de openbare orde; de aanvrager een koepelorganisatie betreft; de aanvrager ook zonder subsidie over voldoende gelden, hetzij uit eigen middelen hetzij uit middelen van derden, kan beschikken om de activiteiten te realiseren; gegronde reden bestaat om aan te nemen dat de te verstrekken subsidie niet of in onvoldoende mate zal bijdragen aan de verwezenlijking van het doel van deze regeling.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel