Algemeen gebruikelijke voorzieningen zijn in principe voor iedereen beschikbaar, of mensen nu wel of geen beperking hebben.
Een dienst, hulpmiddel, woningaanpassing of andere maatregel kan als algemeen gebruikelijk worden aangemerkt als deze (CRvB 20-11-2019, ECLI:NL:CRVB:2019:3535):
niet specifiek bedoeld is voor personen met een beperking;
daadwerkelijk beschikbaar is;
een passende bijdrage levert aan het realiseren van een situatie waarin de cliënt tot zelfredzaamheid of participatie in staat is;
deze financieel gedragen kan worden met een inkomen op minimumniveau.
Eenduidig zijn de criteria niet. Het kan zijn dat voor de ene persoon de voorziening wel algemeen gebruikelijk kan zijn en voor de ander niet. Zo kunnen beugels in het toilet voor een persoon van boven de 70 jaar algemeen gebruikelijk zijn, maar voor een jongere persoon die na een ongeluk gehandicapt is geraakt, niet.
Uitgangspunt is dat algemeen gebruikelijke voorzieningen niet als maatvoorziening verstrekt worden. Algemeen gebruikelijke voorzieningen worden in het gesprek rond de keukentafel besproken als voorliggend op maatwerkvoorzieningen.
Uitzonderingen op de criteria voor algemeen gebruikelijke voorzieningen kunnen situaties zijn waarin:
de handicap plotseling ontstaat, waardoor algemeen gebruikelijke voorzieningen eerder dan normaal vervangen moeten worden;
de voorziening nog lang niet is afgeschreven en de aanvrager een inkomen heeft, dat door aantoonbare kosten van de handicap onder de voor hem/haar geldende bijstandsnorm dreigt te komen.
Er is geen complete lijst van voorzieningen die algemeen gebruikelijk zijn. Voorbeelden kunnen zijn:
rollator;
tandem (met uitzondering van een ouder-kind tandem) met en zonder hulpmotor;
fiets met lage instap, ligfiets;
elektrische fiets/tandem (al dan niet met lage instap) voor een persoon van 16 jaar en ouder;
stalling (driewiel)fiets;
bakfiets, fietskar, aanhangfiets;
snorfiets, bromfiets, Spartamet/fiets met hulpmotor;
standaard buggy tot 4 jaar;
personenauto en de gebruikskosten die daaraan verbonden zijn;
auto-accessoires: airconditioning, stuur/rembekrachtiging, elektrisch bedienbare ruiten, trekhaak;
éénhendelmengkranen en thermostatische kranen;
keramische of inductiekookplaat en ander keukenapparatuur;
verhoogd toilet;
tweede toilet/sanibroyeur;
douchekop en glijstang;
douchecabine;
renovatie van badkamer en keuken;
antislipvloer/coating;
wandbeugels;
zonwering (inclusief elektrische bediening);
(losse) airco units;
luchtbevochtigers/ontvochtigers;
ophogen tuin/bestrating bij verzakking wanneer er sprake is van regulier onderhoud;
glazenwasser;
boodschappenbezorgdienst;
regen/thermokleding/schootkleed.
Hoofdstuk 2 › Paragraaf
Artikel 2.3.1.3.