**10.1.** In gevallen waarin de toepassing van deze beleidsregels tot een bijzondere hardheid leidt, kan te gunste van de aanvrager van deze beleidsregels worden afgeweken. Van bijzondere omstandigheden kan sprake zijn indien de aanvrager van de gehandicaptenparkeerplaats op kenteken ten gevolge van een aandoening of gebrek een aantoonbare ernstige beperking heeft anders dan een loopbeperking, die het hebben van een gehandicaptenparkeerplaats op kenteken rechtvaardigt.
**10.2.** Een gehandicaptenparkeerplaats verliest zijn geldigheid:
door het verloop van de geldigheidstermijn van de gehandicaptenparkeerkaart;
door het overlijden van de aanvrager aan wie de gehandicaptenparkeerplaats is toegekend;
indien de houder niet langer voldoet aan de criteria van afgifte, dit ter beoordeling van het college;
indien de houder de aan het gebruik van de gehandicaptenparkeerplaats verbonden voorschriften niet naleeft, dit ter beoordeling van het college;
indien de aanvrager verhuist en in de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens niet meer geregistreerd staat op het betreffende adres waarvoor de gehandicaptenparkeerplaats was aangelegd.
**10.3.** Indien een aanvrager in Delft is komen te wonen en een gehandicaptenparkeerplaats aanvraagt, dient de aanvrager keuringsgegevens te overleggen indien deze zijn afgegeven door de keurende instantie in zijn of haar voormalige woonplaats, teneinde deze gegevens mee te nemen in de overweging de gehandicaptenparkeerplaats toe dan wel af te wijzen.
**10.4 .** De aangevraagde individuele gehandicaptenparkeerplaats kan alleen worden verstrekt aan een natuurlijk persoon.
**10.5.** Het college bepaald op welke locatie de gehandicaptenparkeerplaats wordt aangelegd.