Naar hoofdinhoud
1.. Houders die VE willen gaan aanbieden op een of meerdere groepen, komen in aanmerking voor een incidentele subsidie. 2.. Per groep wordt een eenmalige startsubsidie verleend voor het organiseren van de noodzakelijke kwaliteit van VE. 3.. Ter voorbereiding op het uitvoeren van VE is het nodig dat op betreffende groep: beroepskrachten worden gekwalificeerd voor VE (bijv. werken met VVE-programma, VE-scholing, taalniveau 3F voor mondelinge en leesvaardigheden, opbrengstgericht werken); een VVE-programma wordt aangeschaft en geïmplementeerd (opgenomen in Databank Effectieve Jeugdinterventies van het NJi); en een daarop aansluitend kindvolgsysteem wordt aangeschaft en ingevoerd voor het periodiek volgen van de ontwikkeling van kinderen. 4.. Om subsidie te verkrijgen dient de houder een schriftelijke aanvraag waarin de activiteiten, de planning en de begroting worden vermeld dan wel bijgevoegd. 5.. De aanvraag wordt beoordeeld op onder meer de volgende punten: de houder beschikt over een goede accommodatie; de houder kan aantonen dat er doelgroeppeuters zijn of komen; of de toezichthouder heeft in het lopende of voorgaande jaar niet meerder overtredingen geconstateerd. 6.. Na de noodzakelijke voorbereidende werkzaamheden en eenmalige subsidieverkrijging vraagt de houder een VE-registratie aan bij de gemeente Westerkwartier voor opname in het Landelijk Register Kinderopvang. 7.. In een inspectiebezoek van de toezichthouder kinderopvang wordt bepaald of de houder de kwaliteit van VE conform de wettelijke eisen heeft geregeld. 8.. Pas nadat de kwaliteit van VE volgens de inspectie op orde is, kan de houder structurele subsidie voor de kwaliteit van VE aanvragen. 9.. De eenmalige subsidie ter voorbereiding op het aanbieden van VE kan enkel worden aangevraagd door een houder als deze niet eerder een subsidie heeft verkregen. Dit betekent dat er geen subsidie wordt verleend aan een houder die al structurele subsidie voor VE krijgt en waar sprake is van een uitbreiding van het aantal groepen of waar sprake is van een uitbreiding van het aantal dagdelen van een bestaande groep om zo 960 uur VE door doelgroeppeuters te kunnen bieden. 10.. De eenmalige subsidie wordt voorts niet toegekend wanneer het een of meerdere groepen van een locatie betreft die reeds als VE-locatie geregistreerd staat in het Landelijk Register Kinderopvang, maar waar sprake is van een overname door een andere houder. 11.. Bovendien moet voldoende zicht zijn op het realiseren van een adequaat en duurzaam aanbod van VE en het aantrekken en toelaten van doelgroeppeuters. 12.. Als een houder na toekenning van een eenmalige subsidie ter voorbereiding op het uitvoeren van kwaliteit van VE niet overgaat tot de aanvraag van de structurele subsidie voor het uitvoeren van VE, dan wordt de eenmalige subsidie teruggevorderd. 13.. De subsidie kan op elk moment van het jaar worden aangevraagd. Een traject van aanvraag tot beoordeling neemt maximaal een jaar in beslag.

Rechtspraak bij dit artikel