Bij de berekening wordt uitgegaan van Verkeersgeneratie “Centrum” uit CROW-publicatie 317 als de ontwikkeling door een combinatie van voorzieningenniveau, ligging, stallingsmogelijkheden fiets, bereikbaarheid per fiets en openbaar vervoer en mogelijkheden van alternatieve mobiliteit (in plaats van de particuliere auto) ook de kenmerken heeft van een stedelijk centrum.
De initiatiefnemer moet de structurele beschikbaarheid van alternatieve mobiliteit aan tonen waarmee rekening gehouden is bij de berekening van verkeersbewegingen en dient aan te tonen dat de alternatieve mobiliteit tot minimaal 10 jaar na oplevering van het bouwplan wordt gegarandeerd en in stand wordt gehouden.
Deze beleidsregels kunnen worden toegepast wanneer door maatregelen van de initiatiefnemer of de gemeente voldoende aannemelijk is gemaakt, dat er niet alsnog extra verkeersbewegingen plaatsvinden doordat bezoekers, bewoners of bedrijven uitwijken naar (goedkope) parkeerplaatsen in de directe omgeving.
Artikel 3.1
Voorzieningen niveau en alternatieve mobiliteit
Onderdeel van Beleidsregels autoverkeersbewegingen bij toepassen maatwerk