Naar hoofdinhoud
De subsidieaanvraag wordt afgewezen indien: er gegronde reden is te vermoeden dat de aanvrager de te realiseren sociale huurwoning(en) niet zal realiseren en/of niet gedurende een periode van 15 jaar ter beschikking zal stellen als sociale huurwoning; de sociale huurwoning voor de datum van inwerkingtreding van deze regeling is gerealiseerd; het relevante subsidiedeelplafond als bedoeld in artikel 6, eerste lid, is bereikt; er gegronde reden is dat de subsidie voor de toegelaten instelling niet voldoet aan de voorwaarden van het DAEB-vrijstellingsbesluit; de privaatrechtelijke rechtspersoon die geen toegelaten instelling is, geen verklaring kan overleggen waaruit blijkt dat de subsidie, bedoeld in artikel 4, voldoet aan de voorwaarden van de DAEB-de-minimisverordening; niet wordt voldaan aan de toetsingscriteria, bedoeld in artikel 9; niet wordt voldaan aan de (overige) voorwaarden in deze regeling.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel