Naar hoofdinhoud
Elke gemeente dient op grond van de Wet ruimtelijke ordening (hierna: Wro) om de tien jaar haar bestemmingsplannen te herzien of zo mogelijk een verlengingsbesluit te nemen, dan wel een beheersverordening vast te stellen. Indien de gemeenteraad deze verordening niet tijdig vaststelt, vervalt haar bevoegdheid om leges te heffen voor diensten die verband houden met het bestemmingsplan (bijvoorbeeld in het kader van omgevingsvergunningen). Op het plangebied is thans het bestemmingsplan Oostoever 2004 van kracht. Dit bestemmingsplan is door de gemeenteraad vastgesteld op 2 maart 2006. Hierdoor verloopt de 10 jaartermijn van dit bestemmingsplan op 3 maart 2016. Dit heeft tot gevolg dat, op grond van de Wet ruimtelijke ordening (hierna: Wro), voor dit gebied een nieuw bestemmingsplan moet worden gemaakt. Op basis van artikel 3.38 Wro kan de gemeente bepalen om, in plaats van een bestemmingsplan, een beheersverordening op te stellen. Dit ruimtelijk instrument is door het parlement bij de behandeling van de Wro toegevoegd aan het ruimtelijk instrumentarium van gemeenten. Hiermee is de mogelijkheid gecreëerd om op een snelle en eenvoudige wijze een nieuw juridisch-planologisch regiem vast te stellen voor gebieden waar nauwelijks ontwikkelingen worden voorzien. Het gebied Oostoever kan als zo een gebied worden gezien omdat het ruimtebeslag al heeft plaatsgevonden, daarnaast zijn nieuwe ontwikkelingen niet mogelijk wegens de planologische beperkingen als gevolg van de beperkingen ten gevolge van o.a. de aanwezigheid van de primaire waterkering, de munitiebunkers van Defensie, het naastgelegen vliegveld en de aanwezige bedrijven. Hierdoor is besloten voor dit gebied een beheersverordening op te stellen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel