De programmacoördinator (waar nodig ondersteund door de budgethouder) is verantwoordelijk voor het tijdig aanleveren van de benodigde informatie ten behoeve van de planning- en controlcyclus.
De budgethouder legt, gehoord hebbende het AT, verantwoording af aan de directeur over het gevoerde beheer inzake het vastgestelde beleid.
Op de inhoud en frequentie van de in het eerste lid bedoelde verantwoording zijn de daarvoor vastgestelde planning, afspraken en kwaliteiten in het kader van de planning- en controlcyclus van toepassing.
Bij dreigende budgetafwijking of afwijking van het beschikbaar gestelde krediet kan de budgethouder in de bestuursrapportages een verzoek doen voor bijstelling van het budget c.q. het krediet.
In de reguliere rapportages meldt de budgethouder welke investeringen zijn gedaan en welke kredieten kunnen worden afgesloten. De budgethouder stelt, indien gewenst, na afronding van een investering een nacalculatie op. In deze nacalculatie komt aan de orde:
- de aanbestedingsresultaten;
- het verschil tussen voor- en nacalculatie en de verklaring daarvan.
De na afloop van het boekjaar resterende budgetten vallen in het rekeningresultaat. Overheveling van budgetten is slechts mogelijk na toestemming door de Raad. Investeringskredieten en restanten daarvan worden afgeraamd, indien deze aan het eind van het opvolgende dienstjaar niet zijn besteed. Hiervan kan worden afgeweken als de budgethouder gemotiveerd kan aantonen dat de prestaties geheel of gedeeltelijk nog zullen worden geleverd.