Geen recht op de individuele inkomenstoeslag heeft een persoon die:
op grond van de wet is uitgesloten op het recht op bijstand;
op de peildatum of gedurende de referteperiode een inkomen of meerdere inkomsten heeft of heeft gehad uit of in verband met arbeid of andersoortige inkomsten en welke hoger zijn dan de toepasselijke bijstandsnorm;
op de peildatum of gedurende de referteperiode uit ’s Rijks kas bekostigd onderwijs volgt of heeft gevolgd dan wel een inkomen op grond van de Wsf of de WTOS ontvangt of heeft ontvangen;
in de referteperiode niet heeft voldaan aan de aan hem opgelegde arbeids- en/of re-integratieverplichtingen, dan wel onvoldoende medewerking verleende aan een re-integratietraject en waarvoor een maatregel is opgelegd;
uitzicht heeft op een inkomensverbetering;
een studie volgt op grond van het Besluit uitbreiding kring studerenden Wet Wajong.
Hoofdstuk
Artikel 4