Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4. › Paragraaf 2.

Artikel 14a.

Zitplaatsen

Onderdeel van Verordening op de Raadscommissies 2020

1.. De voorzitter, de commissieleden en de commissiegriffier hebben een vaste zitplaats, door de raadsvoorzitter na overleg in het fractievoorzittersoverleg bij aanvang van iedere nieuwe zittingsperiode van de raad aangewezen. 2.. Indien daartoe aanleiding bestaat, kan de raadsvoorzitter de indeling herzien na overleg in het fractievoorzittersoverleg. 3.. De voorzitter draagt zorg voor een zitplaats voor de burgemeester, de wethouders, de secretaris en overige personen, die functioneel ter vergadering aanwezig zijn.

Rechtspraak bij dit artikel