Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2.

Artikel 4. Samenstelling

Artikel 4. Samenstelling

Onderdeel van Verordening op de Raadscommissies 2020

1.. Elk raadslid is in principe lid van de raadcommissie. In elk geval bestaat een raadscommissie uit ten minste één en ten hoogste twee leden per fractie. 2.. Een lid kan zowel raadslid als niet-raadslid zijn. De artikelen 10,11,12,13 en 15 van de Gemeentewet zijn van overeenkomstige toepassing op een lid van een raadscommissie. 3.. Elke fractie kan maximaal drie niet-raadsleden aanwijzen die voor de fractie lid zijn van de Raadscommissie. Per raadsperiode worden per fractie niet meer dan twee niet-raadsleden, die niet op de verkiezingslijst hebben gestaan, aangewezen. Voor het aanwijzen van niet-raadsleden die wel op de kieslijst hebben gestaan, geldt geen beperking. Het benoemen en voordragen van niet-raadsleden die niet op de kieslijst hebben gestaan, kan vanaf 18 maanden na het begin van elke raadsperiode. 4.. De in het tweede en derde lid genoemde niet-raadsleden worden door de raad op voordracht van de fracties benoemd en leggen in de raadsvergadering waarin zij benoemd worden de eed of belofte af. 5.. Voor raadscommissies worden geen plaatsvervangende leden benoemd.

Rechtspraak bij dit artikel