De individuele gehandicaptenparkeerplaats wordt verleend indien:
De aanvrager beschikt over een geldige, landelijke of Europese gehandicaptenparkeerkaart, zijnde een bestuurderskaart en
Voor de aanvrager niet de mogelijkheid bestaat om zelf in een eigen parkeerplaats te voorzien op eigen terrein (garage, carport, oprit et cetera) en;
De mogelijkheid aanwezig is om binnen een loopafstand van 150 meter van het woonadres (toegangsdeur) van de aanvrager dan wel het bedrijfsadres een individuele gehandicaptenparkeerplaats te realiseren, conform de geldende richtlijnen van het CROW en met inachtneming van de landelijke normen.
Voor bezitters van een passagierskaart geldt het volgende:
Indien het niet mogelijk is dat de bestuurder van het motorvoertuig met in achtneming van de algemene verkeersregels in de directe omgeving van de woning van de gehandicapte passagier stopt om deze te ondersteunen bij het in- en uitstappen en zo nodig te begeleiden naar zijn/haar woning wordt een gehandicaptenparkeerplaats toegekend, mits wordt voldaan aan de artikelen 8.2 en 8.3. Tevens moet uit een verklaring blijken dat de betreffende passagier niet een korte tijd (waarin de bestuurder de auto parkeert) alleen kan worden gelaten.
Bij een afwijzing van de aanvraag stelt de gemeente de aanvrager hiervan schriftelijk op de hoogte.