De gemeente Roerdalen geeft in het groenbeheerplan richting aan het groenonderhoud en -inrichting voor de komende vijf jaren. Uitvoeringsplannen voor onderhoud en inrichting worden getoetst aan dit plan en het groenstructuurplan. Het groenbeheerplan 2012-2016 is gericht op de kwaliteitsverbetering van groenvoorzieningen en tegelijkertijd omvorming naar meer onderhoudsarme groentypen. Het omvormen richt zich specifiek op plantsoenen, groenvakken, grasbermen en gazon en de mate van (extensief) beheer van deze laagblijvende beplantingen. Richtlijnen voor het beheer van bomen zijn beperkt in het voornoemde groenbeheerplan. De juiste boomsoorten kiezen op de juiste plaats wordt als uitgangspunt genoemd. Op basis van beschikbare ondergrondse ruimte, bovengrondse ruimte en op eindbeeld. Verder wordt gesproken over het representatief maken ofwel versterken van bijzondere plekken en entrees van de gemeente en dorpen. Dit zijn bij uitstek locaties waar boombeplantingen een belangrijke beeldfunctie (horen te) vervullen.
Beheer dat gericht is op investering in de gezondheid en de toekomstverwachting van bomen betaalt zich dubbel en dwars terug. Het levert namelijk een aanzienlijke besparing op. Zowel op het reguliere onderhoud als op de beheerkosten ten gevolge van ziekten en aantastingen. De leeftijdsopbouw, de samenstelling en de onderhoudstoestand van het huidige bomenbestand biedt zodoende aanknopingspunten voor zowel revitalisering als sanering. Slechte groeiomstandigheden (te krappe groeiplaats) leiden vaak tot slechte boomcondities en bijvoorbeeld het opdrukken van bestrating. Voor sommige bomen is het mogelijk en gewenst om de groeiplaatsomstandigheden te verbeteren. Voor andere bomen geldt dat niet. In die gevallen kiest de gemeente ervoor om deze bomen niet te vervangen (passieve sanering), dan wel de bomen te verwijderen (actieve sanering).
Groenstraat Melick: niet-duurzame groeiplaats leidt totzieltogende bomen en opdrukken bestrating
Groenstraat Melick: duurzame groeiplaats leidt tot florerende bomen die minder problemen en overlast veroorzaken
Hoofdstuk 3.
Artikel 4.2