Naar hoofdinhoud
Hieronder zijn de gemeentelijke richtlijnen weergegeven in de volgorde van wettekst van artikel 4 van bijlage II van het Bor, de zogenoemde kruimelgevallen regeling. Met inachtneming van het bepaalde in Hoofdstuk 2 van de beleidsregels kan een omgevingsvergunning (2.12, eerste lid, onder a, onder 2º) worden verleend in geval van: 4.4.1 Een bijbehorend bouwwerk of uitbreiding daarvan binnen of buiten de bebouwde kom: Een afwijking van het bestemmingsplan is alleen mogelijk voor een bijbehorend bouwwerk of uitbreiding daarvan die voldoet aan de bepalingen van artikel 4 lid 1 van bijlage II van het Bor, mits de overwegingen om af te wijken zorgvuldig zijn onderbouwd. Aanvragen voor een bijbehorend bouwwerk of uitbreiding daarvan anders dan in dit beleid worden per geval beoordeeld. Voor een aanvraag om toepassing van deze afwijkingsbevoegdheid gelden de in de bijlage 2 opgenomen Indieningsvereisten Ruimtelijke Plannen gemeente Woudenberg. 4.4.1.a Bijbehorend bouwwerk bij een woning Voor het bouwen van een bijbehorend bouwwerk in het achtererfgebied van een woning binnen de bebouwde kom kan in afwijking van het bestemmingsplan toestemming worden verleend. Hierbij gelden de voorwaarden die gesteld worden in bestemmingsplan Bebouwde Kom (2018), artikel 21.2.2: de gezamenlijk te bebouwen maximum oppervlakte aan bijbehorende bouwwerken op het bij het hoofdgebouw behorende zij- en achtererf wordt bepaald aan de hand van de in de navolgende tabel opgenomen staffel, met dien verstande dat een aaneengesloten oppervlakte van ten minste 25 m² van het gezamenlijke zij- en achtererf onbebouwd en onoverkapt moet blijven; bij het bepalen van de maximum oppervlakte wordt de oppervlakte van bijbehorende bouwwerken binnen het bouwvlak niet meegerekend: Oppervlakte perceel (m2) Maximum oppervlakte bijbehorende bouwwerken (m2) Tot en met 300 50 Vanaf 300 tot en met 500 70 Vanaf 500 tot en met 750 80 Groter dan 750 100 de maximum oppervlakte per bijbehorend bouwwerk bedraagt 50 m², met dien verstande dat de oppervlakte binnen het bouwvlak niet wordt meegerekend; in afwijking van het bepaalde onder a en b bedraagt het gezamenlijk te bebouwen oppervlak aan bijbehorende bouwwerken bij het hoofdgebouw zoveel als is aangeduid ter plaatse van de aanduiding 'maximum oppervlakte'; indien de bestaande oppervlakte groter is dan de oppervlakte genoemd in lid a en b, geldt die oppervlakte als maximum; indien de bestaande oppervlakte groter is dan de oppervlakte genoemd in lid a en b, geldt die oppervlakte als maximum; bij meer dan twee-aaneengebouwde woningen bedraagt de maximum goothoogte van aangebouwde bijbehorende bouwwerken 3,3 m en bedraagt de maximum bouwhoogte 0,3 m boven de hoogte van de eerste verdiepingsvloer met een absoluut maximum van 4,0 m; in afwijking van het bepaalde onder f bedraagt de maximum bouwhoogte van aangebouwde bijbehorende bouwwerken aan de zijgevel van het hoofdgebouw bij meer dan twee-aaneengebouwde woningen 5,5 m; bij vrijstaande en twee-aaneengebouwde woningen bedragen de maximum goot- en bouwhoogte van aangebouwde bijbehorende bouwwerken 3,3 m respectievelijk 5,5 m; de maximum goot- en bouwhoogte van vrijstaande bijbehorende bouwwerken bedragen 3,3 m respectievelijk 5,5 m; de maximum bouwhoogte van vrijstaande overkappingen bedraagt 3,0 m 4.4.1.b. Bijbehorend bouwwerk bij functies niet zijnde een woning Een afwijking van het bestemmingsplan is alleen mogelijk mits de overwegingen om af te wijken zorgvuldig zijn onderbouwd. Aanvragen voor een bijbehorend bouwwerk bij functies niet zijnde een woning worden per geval beoordeeld. 4.4.1.c Afwijkingsmogelijkheid bouwen gebouw ten behoeve van Mantelzorg Indien bestaande bouwwerken en bebouwingsmogelijkheden op een perceel ongeschikt of onvoldoende zijn voor het gebruik voor mantelzorgondersteuning, zoals voorzien in het Bor, bijlage II, artikel 2 lid 22, kan een afwijkingsvergunning verleend worden voor de duur van de mantelzorg indien het bouwwerk voldoet aan de onderstaande eisen: Afwijking wordt slechts verleend ten behoeve van mantelzorg bij een (bedrijfs)woning welke krachtens het geldende bestemmingsplan een (bedrijfs)woning is toegestaan en ook feitelijk aanwezig is en dusdanig gebruikt wordt; Er wordt slechts afwijking verleend indien sprake is van een goed woon- en leefklimaat; De maximale oppervlakte dat gebruikt wordt voor mantelzorg bedraagt 80 m²; Een tijdelijke unit of een tijdelijke uitbreiding van het maximaal toegestaan bebouwingsoppervlak dient te voldoen aan de volgende voorwaarden: een tijdelijke unit wordt geplaatst aan de achterzijde of aan de zijgevel van de bestaande woning, waarbij plaatsing aan de zijgevel slechts is toegestaan als de afstand tot de voorgevelrooilijn ten minste 3 meter bedraagt; de afstand van een tijdelijke unit tot de zijdelingse en achterste perceelgrenzen bedraagt ten minste 2 meter; leidt niet tot onevenredige aantasting van gebruiks- en ontwikkelingsmogelijkheden van naastgelegen percelen; De afwijking wordt verleend voor de duur van de periode waarin mantelzorg wordt geboden. 4.4.1.d Afwijking voor bouwwerken/gebouwen ten behoeve van de verkoop agrarische producten Indien binnen het agrarisch bouwvlak geen ruimte beschikbaar is voor gebruik of bouw van een verkoopruimte voor agrarische producten en/of deze niet goed te bereiken is voor bezoekers, kan een afwijkingsvergunning worden verleend, bij voorkeur voor enkelzijdige verkoopautomaten. Eisen ten aanzien van een enkelzijdige verkoopautomaat: het betreft een bouwwerk, geen gebouw zijnde; er bestaat een directe relatie tussen de te verkopen producten en het agrarisch bedrijf; de toe te passen materialen passen bij het gebied, waarbij moet worden gedacht aan toepassing van donkere kleuren, hout, dakpannen of een golfplaat (ter beoordeling van de commissie Ruimtelijke Kwaliteit); de vormgeving en constructie van het bouwwerk is eenvoudig maar robuust; in de nabijheid van het bouwwerk is voldoende parkeergelegenheid; het plaatsen en gebruik van een verkoopautomaat op deze locatie leidt niet tot een aantasting van de verkeersveiligheid; het bouwwerk is niet voorzien van lichtreclame; de nokhoogte van het bouwwerk bedraagt maximaal 3,00 meter; de lengte van het bouwwerk bedraagt maximaal 3,00 meter; de breedte van het bouwwerk bedraagt maximaal 1,50 meter (dat betreft de omvang automaat met beperkte ruimte om te vullen, ca. 90 cm); gemeten wordt de buitenmaat van het bouwwerk, dus exclusief overstekken (kleiner dan 1 meter). Indien er sprake is van een tweezijdige automaat mag het bouwwerk een gebouw zijn. In aanvulling op de bovenstaande regels voor enkelzijdige automaten, geldt dan dat de breedte van het gebouw, inclusief overstekken maximaal 2 meter mag bedragen. 4.4.1.e. Afwijkingen i.v.m. woningaanpassing Een zorgbehoefte (anders dan mantelzorg) is geen directe aanleiding voor extra bebouwing, bovenop de mogelijkheden van het bestemmingsplan, vergunningsvrij bouwen en de beleidsregels. Immers, elke levensfase kan gepaard gaan met een behoefte aan extra bebouwing. Er kan uitsluitend worden afgeweken van het bestemmingsplan als onderbouwd wordt waarom bestaande bouwmogelijkheden of aanwezige schuren, qua maatvoering van aanpasbaar bouwen (technisch) onvoldoende of ongeschikt zijn voor levensloopbestendig gebruik. De ruimtelijke kwaliteit van het gebied moet de afwijking toelaten. De eis ten aanzien van de minimaal te behouden buitenruimte zoals opgenomen in het betreffende bestemmingsplan mag nooit worden overschreden. 4.4.1.f Artikel 2.9 vangnet Artikel 2.9 Bor, toegevoegd op 1 november 2014, kan op dit moment dubbel uitgelegd worden. In afwachting op jurisprudentie verklaren wij dat een afwijkingsvergunning verleend kan worden indien door uitleg 2.9 Bor onbedoeld de mogelijkheden van het bestemmingsplan beperkt worden. Toetsing en reikwijdte worden bepaald door het ter plaatse geldende bestemmingsplan. 4.4.2 Gebouwen ten behoeve van infrastructurele of openbare voorzieningen Een afwijking van het bestemmingsplan is alleen mogelijk voor gebouwen ten behoeve van infrastructurele of openbare voorzieningen die voldoen aan de bepalingen van artikel 4 lid 2 van bijlage II van het Besluit omgevingsrecht, mits de noodzaak is aangetoond en de overwegingen om af te wijken zorgvuldig zijn onderbouwd. Voor een aanvraag om toepassing van deze afwijkingsbevoegdheid gelden de in de Bijlage 2 opgenomen Indieningsvereisten Ruimtelijke Plannen gemeente Woudenberg. 4.4.3. Bouwwerken geen gebouw zijnde of gedeelte van een bouwwerk Een afwijking van het bestemmingsplan is alleen mogelijk voor bouwwerken die voldoen aan de bepalingen van artikel 4 lid 3 van bijlage II van het Bor mits de overwegingen om af te wijken zorgvuldig zijn onderbouwd. Aanvragen voor een bouwwerk, geen gebouw zijnde anders dan in dit beleid genoemd worden per geval beoordeeld. Voor een aanvraag om toepassing van deze afwijkingsbevoegdheid gelden de in de Bijlage 2 opgenomen Indieningsvereisten Ruimtelijke Plannen gemeente Woudenberg. 4.4.3.a Afwijking voor erfafscheidingen niet gelegen in achtererfgebied of gelegen in het achtererfgebied en grenzend aan openbaar (toegankelijk) gebied: Voor een erfafscheiding niet gelegen in achtererfgebied of gelegen in het achtererfgebied en grenzend aan openbaar (toegankelijk) gebied kan in afwijking van het bestemmingsplan toestemming worden verleend. Hierbij gelden de voorwaarden die gesteld worden in bestemmingsplan Bebouwde Kom (2018), artikel 21.2.3: De maximum bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen voor de voorgevelrooilijn bedraagt 1,0 m; De maximum bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen achter de voorgevelrooilijn (niet grenzend aan openbaar toegankelijk gebied) bedraagt 2,0 m; De maximum bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen achter de voorgevelrooilijn (grenzend aan openbaar toegankelijk gebied) bedraagt 1,0 m; In afwijking van het bepaalde in lid c zijn erf-en terreinafscheidingen achter de voorgevelrooilijn (grenzend aan openbaar toegankelijk gebied) toegestaan tot een maximum bouwhoogte van 2,0 m indien het een erfafscheiding betreft die vanaf een hoogte van 1,0 m voor minimaal 50% transparant is en, indien gewenst, van beplanting wordt voorzien. 4.4.3.b Afwijking voor toegangspoorten/sierhek niet gelegen in achtererfgebied van de woning: Toegangspoorten niet gelegen in het achtererfgebied zijn enkel in afwijking met het bestemmingsplan toegestaan indien zij in ieder geval voldoen aan de volgende bepalingen: De toegangspoort moet minimaal 1,5 m teruggeplaatst zijn ten opzichte van de erfgrens; De toegangspoort moet passen bij de architectuur van het hoofdgebouw (ter toetsing bij de commissie Ruimtelijke Kwaliteit; Stenen elementen in de toegangspoort mogen maximaal 2 meter hoog zijn; De toegangspoort moet voor 50% van het oppervlak open zijn; De toegangspoort mag een maximale breedte (doorgang) van 7 meter en een maximale hoogte van 2,5 meter hebben. 4.4.3.c. Afwijkingen voor hekwerken op het hoofdgebouw In afwijking van het bestemmingsplan wordt een hekwerk op het hoofdgebouw toegestaan. Hierbij gelden de voorwaarden die gesteld worden in bestemmingsplan Bebouwde Kom (2018), artikel 21.3.1: Het hekwerk op een dakterras dient 2 meter vanaf de erfgrens te zijn gesitueerd; Het hekwerk dient voor minimaal 80% van het oppervlak open te zijn; Het hekwerk dient ondergeschikt te zijn aan het hoofdgebouw; Het hekwerk mag maximaal 1,50 meter hoog zijn; 4.4.3.d. Afwijkingen voor hekwerken op een bijbehorend bouwwerk In afwijking van het bestemmingsplan wordt een hekwerk op een aanbouw toegestaan indien er in ieder geval wordt voldaan aan de volgende voorwaarden: Het hekwerk op het bijbehorend bouwwerk dient op minimaal 2 meter van de erfgrens te zijn gesitueerd; Het hekwerk dient voor minimaal 80% van het oppervlak open/transparant te zijn; Het hekwerk dient ondergeschikt te zijn aan de aanbouw; Het hekwerk mag maximaal 1,50 meter hoog zijn; De aanbouw bevindt zich aan de achtergevel van het hoofdgebouw. 4.4.3.e. Afwijkingen voor een trap van tuin naar balkon of dakterras In afwijking van het bestemmingsplan wordt een trap naar een balkon of dakterras toegestaan indien er in ieder geval wordt voldaan aan de volgende voorwaarden: De hoogte van het hekwerk van de trap mag niet hoger zijn de hoogte van het hekwerk op het terras; De trap dient op minimaal 1 meter uit de erfgrens geplaatst te worden; Het plaatsen van de trap is alleen toegestaan indien op de eerste etage de woonkamer is gesitueerd; Het balkon of (dak)terras bevindt zich aan de achtergevel van het hoofdgebouw; De realisatie van de trap heeft niet tot gevolg dat er een extra woning gerealiseerd wordt. 4.4.3.f Afwijkingsmogelijkheid oprichten overkapping bij een bedrijf buiten hetbouwvlak en op minder dan drie meter afstand van de zij- en/of achterste perceelsgrens Overkappingen gelegen buiten het bouwvlak en binnen een afstand van drie meter van de zij-of achterperceelsgrens die in afwijking van het bestemmingsplan worden toegestaan, moeten in ieder geval voldoen aan de voorwaarde dat het perceel ten allen tijden goed bereikbaar is voor de hulpdiensten. 4.4.4. Een dakkapel, dakopbouw of gelijksoortige uitbreiding van een gebouw dan wel de uitbreiding van een bouwwerk met een bouwdeel van ondergeschikte aard Een afwijking van het bestemmingsplan is alleen mogelijk voor dakkapellen en gelijksoortige uitbreidingen die voldoen aan de bepaling van artikel 4 lid 4 van bijlage II van het Bor mits de overwegingen om af te wijken zorgvuldig zijn onderbouwd. Aanvragen voor dakkapellen en gelijksoortige uitbreidingen anders dan in dit beleid genoemd worden per geval beoordeeld. Voor een aanvraag om toepassing van deze afwijkingsbevoegdheid gelden de in de Bijlage 2 opgenomen Indieningsvereisten Ruimtelijke Plannen gemeente Woudenberg. 4.4.4.a. Afwijking voor een dakopbouw Een afwijking van het bestemmingsplan wordt verleend voor een dakopbouw ten behoeve van een woning of een ander gebouw voor ten hoogste een afwijking van 10% van de bestaande maten. De dakopbouw moet voldoen aan de algemene eisen van welstand zoals opgenomen in onze Welstandnota en naar het oordeel van de commissie Ruimtelijke Kwaliteit waarbij in geval zorgvuldig rekening wordt gehouden met eerdere (legale) precedenten op naburige woningen met het doel een nieuwe eenheid in visuele beleving te verkrijgen. Een dakopbouw is uitsluitend mogelijk op het hoofdgebouw. 4.4.5. Een antenne-installatie Aan aanvragen voor afwijking van het bestemmingsplan ten behoeve van het plaatsen van een antenne-installatie wordt alleen meegewerkt indien wordt voldaan aan de criteria zoals opgenomen in het antennebeleid. Een afwijking van het bestemmingsplan is alleen mogelijk voor een antenne-installatie die voldoet aan de bepaling van artikel 4 lid 5 van bijlage II van het Bor Voor een aanvraag om toepassing van deze afwijkingsbevoegdheid gelden de in de Bijlage 2 opgenomen Indieningsvereisten Ruimtelijke Plannen gemeente Woudenberg. 4.4.6. Een installatie bij een glastuinbouwbedrijf voor warmtekrachtkoppeling Een afwijking van het bestemmingsplan is alleen mogelijk voor gebouwen ten behoeve van een installatie die voldoen aan de bepalingen van artikel 4 lid 6 van bijlage II van het Bor, mits de overwegingen om af te wijken zorgvuldig zijn onderbouwd. Aanvragen voor een installatie anders dan in dit beleid worden per geval beoordeeld. Voor een aanvraag om toepassing van deze afwijkingsbevoegdheid gelden de in de Bijlage 2 opgenomen Indieningsvereisten Ruimtelijke Plannen gemeente Woudenberg. 4.4.7. Een installatie bij een agrarisch bedrijf waarmee duurzame energie wordt geproduceerd Een afwijking van het bestemmingsplan is alleen mogelijk voor een installatie die voldoet aan de bepalingen van artikel 4 lid 7 van bijlage II van het Bor, mits de overwegingen om af te wijken zorgvuldig zijn onderbouwd. Aanvragen voor een bijbehorend bouwwerk of uitbreiding daarvan anders dan in dit beleid worden per geval beoordeeld. Voor een aanvraag om toepassing van deze afwijkingsbevoegdheid gelden de in de Bijlage 2 opgenomen Indieningsvereisten Ruimtelijke Plannen gemeente Woudenberg. 4.4.8 Het gebruiken van gronden voor een niet-ingrijpende herinrichting van openbaar gebied Een afwijking van het bestemmingsplan is alleen mogelijk voor gebruik dat voldoet aan de bepalingen van artikel 4 lid 8 van bijlage II van het Bor, mits de overwegingen om af te wijken zorgvuldig zijn onderbouwd. Aanvragen voor gebruik anders dan in dit beleid worden per geval beoordeeld. Voor een aanvraag om toepassing van deze afwijkingsbevoegdheid gelden de in de Bijlage 2 opgenomen Indieningsvereisten Ruimtelijke Plannen gemeente Woudenberg. 4.4.9 Het gebruiken van bouwwerken, eventueel in samenhang met bouwactiviteiten die de bebouwde oppervlakte of het bouwvolume niet vergroten, en van bij die bouwwerken aansluitend terrein Een afwijking van het bestemmingsplan is alleen mogelijk voor gebruik dat voldoet aan de bepalingen van artikel 4 lid 9 van bijlage II van het Bor, mits de overwegingen om af te wijken zorgvuldig zijn onderbouwd. Aanvragen voor gebruik anders dan in dit beleid worden per geval beoordeeld. Voor een aanvraag om toepassing van deze afwijkingsbevoegdheid gelden de in de Bijlage 2 opgenomen Indieningsvereisten Ruimtelijke Plannen gemeente Woudenberg. 4.4.9.a Gebouw, een woning of woongebouw Er wordt geen afwijking van het bestemmingsplan verleend voor het omzetten van een woning of woongebouw in een andere functie. Er is al tekort aan woningen binnen de gemeente. 4.4.9.b. Gebruik van een woning voor de uitoefening van een aan huisgebonden beroep en kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten Afwijking wordt verleend voor aan-huis-gebonden beroepen en kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten binnen het hoofdgebouw, exclusief aan- en uitbouwen onder de voorwaarden dat: het vloeroppervlak ten behoeve van kantoor- en praktijkruimten en de kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten niet groter is dan 30% van het vloeroppervlak van de woning inclusief aan- en uitbouwen met een maximum van 50 m²; ten behoeve van de kantoor- en praktijkruimten en de kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten in voldoende parkeergelegenheid wordt voorzien; de kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten geen nadelige invloed hebben op de normale afwikkeling van het verkeer en niet gepaard gaan met horeca en detailhandel, uitgezonderd beperkte verkoop die ondergeschikt is aan de uitoefening van de betrokken kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten of voorbereiding van een catering op locatie elders. 4.4.9.c. Gebruik van een woning voor de uitoefening van langdurige zorg Afwijking wordt verleend voor het gebruik van een woning voor langdurige opvang van minderjarigen onder de voorwaarden dat: uitsluitend minderjarigen worden opgevangen; indien er sprake is van verlengde jeugdhulp dan is het, in afwijking van het bepaalde onder sub toegestaan personen tot 23 jaarop te vangen; de opgevangen personen onder voogdij zijn geplaatst; de voogd(en) zelf in het gezinshuis wonen; de opgevangen personen in het gezinshuis wonen en samen met de voogd(en) en een huishouden vormen; er maximaal vijf personen tegelijkertijd worden opgevangen; de opvang van een persoon in principe duurt tot de dag waarop de betreffende persoon de leeftijd van 18 jaar bereikt indien sprake is van verlengde jeugdhulp zoals bepaald onder sub b duurt de opvang tot de dag waarop de betreffende persoon de leeftijd van 23 jaar bereikt. 4.4.9.d. Gebruik van een aan- en uitbouw en bijgebouw ten behoeve vankleinschalige bedrijfsmatige activiteiten en een aan huis gebonden beroep Afwijking voor aan-huis-gebonden beroepen en kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten in aan- en uitbouwen en bijgebouwen, behorende bij het hoofdgebouw, wordt niet verleend ten behoeve van het gebruik als bed& breakfast. Daarnaast dient er aan de voorwaarden genoemd onder 4.4.9.b te worden voldaan en moet worden aangetoond dat er geen onevenredige hinder op naastgelegen percelen ontstaat. 4.4.9.e. Gebouw, geen woning of woongebouw zijnde Slechts bij hoge uitzondering wordt een afwijking van het bestemmingsplan verleend. Een functieverandering naar een seksinrichting, prostitutie, erotisch getinte horecabedrijven of horecabedrijf voor het afhalen en nuttigen van drugs (coffeeshop) is in ieder geval niet toegestaan. Voor andere functieveranderingen dienen de overwegingen om van het bestemmingsplan af te wijken zorgvuldig te zijn onderbouwd. In de onderbouwing dient in ieder geval aangegeven te worden waarom: de veranderde maatschappelijke behoefte deze ontwikkeling noodzakelijk maakt de nieuwe functie past binnen de omgeving; er geen onevenredige toename van de verkeersbelasting en de parkeerdruk in de omgeving ontstaat; de nieuwe functie geen onevenredige negatieve milieueffecten veroorzaakt voor de omgeving; de ruimtelijke uitstraling van de nieuwe functie past binnen of aansluit bij het (woon)gebied. Voor een aanvraag om toepassing van deze afwijkingsbevoegdheid gelden de in de Bijlage 2 opgenomen Indieningsvereisten Ruimtelijke Plannen gemeente Woudenberg. 4.4.9.f. Bouwwerken geen gebouwen zijnde Er wordt geen afwijking van het bestemmingsplan verleend voor het veranderen van de bestaande functie van bouwwerken, geen gebouwen zijnde. 4.4.10 Het gebruiken van een recreatiewoning voor bewoning Een afwijking van het bestemmingsplan is alleen mogelijk voor gebruik dat voldoet aan de bepalingen van artikel 4 lid 10 van bijlage II van het Bor, mits de overwegingen om af te wijken zorgvuldig zijn onderbouwd. Voor zover wij hebben kunnen nagaan voldoet geen enkele recreatiewoning in Woudenberg aan deze bepalingen. Aanvragen voor gebruik anders dan in dit beleid worden per geval beoordeeld. Voor een aanvraag om toepassing van deze afwijkingsbevoegdheid gelden de in de Bijlage 2 opgenomen Indieningsvereisten Ruimtelijke Plannen gemeente Woudenberg. 4.4.11. Ander gebruik van gronden of bouwwerken dan bedoeld in de onderdelen 1 tot en met 10, voor een termijn van ten hoogste tien jaar: Een afwijking van het bestemmingsplan is alleen mogelijk voor gebruik dat voldoet aan de bepalingen van artikel 4 lid 11 van bijlage II van het Bor, mits de overwegingen om af te wijken zorgvuldig zijn onderbouwd. Aanvragen voor gebruik anders dan in dit beleid worden per geval beoordeeld. Voor een aanvraag om toepassing van deze afwijkingsbevoegdheid gelden de in de Bijlage 2 opgenomen Indieningsvereisten Ruimtelijke Plannen gemeente Woudenberg. Er wordt alleen medewerking verleend aan een aanvraag als voldaan wordt aan de volgende voorwaarden: er mag geen permanente/onevenredige aantasting plaatsvinden van het woon- en leefmilieu die niet redelijkerwijs te verwachten valt in de betreffende omgeving; bij het bovengenoemde gebruik moet sprake zijn van een normale afwikkeling van verkeer en wordt voldaan aan de in het CROW opgenomen uitgangspunten met betrekking tot parkeren. De regel is dat parkeren op eigen erf dient plaats te vinden of dat de initiatiefnemer op eigen kosten parkeerplaatsen aanlegt in het openbaar gebied; de aanwezige waarden waaronder stedenbouwkundige, cultuurhistorische of landschappelijke waarden mogen niet onherstelbaar worden beïnvloed door de activiteit; de afwijking wordt terughoudend toegepast voor tijdelijke afwijking. Indien sprake is van een permanente behoefte dan kan uitsluitend een permanente vergunning worden verleend; Voor het organiseren van evenementen wordt alleen van het bestemmingsplan afgeweken voor maximaal drie evenementen per jaar per bestemmingsplangebied en voor een duur van ten hoogste vijftien dagen per evenement, het opbouwen en afbreken van voorzieningen ten behoeve van het evenement hieronder begrepen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel