De gemeenteraad van Woudenberg heeft op 30 oktober 2008 besloten om in principe af te zien van het toepassen van artikel 3.10 van de Wet ruimtelijke ordening (artikel 2.12. lid 1 Wabo). Dit houdt in dat de gemeente Woudenberg de voorkeur uitgesproken heeft voor het vaststellen van (postzegel)bestemmingsplan en terughoudend is ten aanzien van de toepassen van het zogenoemde projectafwijkingsbesluit.
Het projectafwijkingsbesluit heeft voor de eigenaar van een perceel, de omwonenden en voor de gemeentelijke organisatie geen voordelen, maar enkel nadelen ten opzichte van een (postzegel) bestemmingsplan: voor elke verandering aan een pand moet wederom een uitgebreide afwijkingsprocedure doorlopen worden. Het besluit van de gemeenteraad heeft ten doel om in voorkomende gevallen een zo efficiënt mogelijke procedure te volgen.
De gemeente gebruikt deze afwijkingsbevoegdheid alleen als een goede ruimtelijke onderbouwing aantoont dat de afwijking ruimtelijk aanvaardbaar en noodzakelijk is. Daarnaast zal door ons worden bezien of deze afwijkingsbevoegdheid de meest geschikte vorm is om mee te werken aan de aanvraag of dat een partiële herziening of wijziging van het bestemmingsplan als bedoeld in de artikelen 3.1 en 3.6 lid 1 sub a van de Wro, een beter juridisch planologisch kader kan bieden. Voor een aanvraag om toepassing van de afwijkingsbevoegdheid dan wel een aanvraag om partiële herziening of wijziging van het bestemmingsplan gelden de in de Bijlage 2 opgenomen Indieningsvereisten Ruimtelijke Plannen gemeente Woudenberg. Aangezien de gemeenteraad het bevoegd gezag is voor deze aanvragen zal de raad uiteindelijk beslissen over de wenselijkheid om mee te werken.
De volgende voorwaarden zijn onverkort van toepassing:
de activiteit moet passen binnen de geldende of in ontwerp neergelegde visies en beleidskaders van de gemeente, provincie en het rijk;
seksinrichtingen, prostitutie, erotisch getinte horecabedrijven en horecabedrijven voor het afhalen en nuttigen van drugs (coffeeshops) zijn niet toegestaan;
de ruimtelijke uitstraling van de ontwikkeling moet passen binnen het (woon)gebied;
de ontwikkeling mag geen onevenredige afbreuk doen aan de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken en/of belangen van belanghebbenden;
de belangen van derden mogen door de activiteit niet onevenredig worden geschaad;
er mag geen aantasting plaatsvinden van het woon- en leefmilieu die niet redelijkerwijs te verwachten valt in de betreffende omgeving;
er moet sprake zijn van een normale afwikkeling van verkeer en er moet voldaan worden aan de CROW normen voor o.a. parkeren;
parkeren dient op eigen erf plaats te vinden of de initiatiefnemer legt op eigen kosten parkeerplaatsen aan in het openbaar gebied;
de ontwikkeling moet voldoen aan de eisen t.a.v. milieu;
de sociale veiligheid mag niet nadelig worden beïnvloed door de activiteit;
de aanwezige waarden waaronder stedenbouwkundige, cultuurhistorische, archeologische of landschappelijke waarden mogen niet nadelig worden beïnvloed door de activiteit;
bij een monument dient er sprake te zijn van een positief advies van de ter zake bevoegde instantie/adviescommissie;
Het plaatsen van een bijbehorend bouwwerk of de uitbreiding ervan mag nooit ten koste gaan van parkeerplaatsen op eigen terrein;
Afwijkingen zijn niet toegestaan bij een recreatieverblijf (pand). Een ‘extra’ uitbreiding van een recreatieverblijf zou namelijk de aard, omvang en karakter aantasten en het aanzien geven van een permanente woning.
Hoofdstuk 5
Artikel 5.3