Naar hoofdinhoud
1.. Voor de uitoefening van zijn toezichthoudende functie beschikt de FG over alle bevoegdheden die daarvoor redelijkerwijs noodzakelijk zijn. De FG is aangewezen als toezichthouder zoals bedoeld in artikel 5:11 Awb en mag daardoor gebruik maken van de bevoegdheden opgenomen in titel 5.2 Awb. 2.. De FG kan een onderzoek instellen naar de wijze waarop in verband met de verwerking van persoonsgegevens, in een bepaald geval dan wel in het algemeen belang, de persoonlijke levenssfeer wordt beschermd. 3.. De FG rapporteert over zijn bevindingen aan het college van burgemeester en wethouders. Hij geeft aanbevelingen over te nemen maatregelen die een goede verwerking van persoons-gegevens moeten helpen waarborgen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel