Naar hoofdinhoud
Artikel 15 Beplanting De beplanting op particuliere (kinder)graven mag niet groter zijn dan de afmetingen van het graf en niet hoger dan maximaal 80 cm boven het maaiveld; deze beplanting moet eenvoudig zijn en op aanwijzing van de beheerder van de begraafplaats te geschieden. Het college van burgemeester en wethouders kan toestaan bij staande grafstenen op eigen (kinder)graven ten hoogste twee bloemblokken of één bloemband te plaatsen, mits zich in het bloemblok een steekvaas en in de bloemband twee steekvazen bevinden. De afmetingen van de in het voorgaande lid bedoelde bloemblokken en bloembanden zijn ten hoogste: bloemblok: lengte: 20 cm breedte: 20 cm dikte: 15-20 cm bloemband: lengte: 55 cm breedte: 20 cm dikte: 15-20 cm De plaatsing van de bloemblokken en bloembanden dient in overleg met de beheerder van de begraafplaats te geschieden. Het college van burgemeester en wethouders kan toestaan bij staande stenen, zonder banden en marmergrind, op particuliere (kinder)graven, lavastenen, flagstones en dergelijke te plaatsen. Soort, aantal en grootte dienen op aanwijzing van de beheerder van de begraafplaats te geschieden.

Rechtspraak bij dit artikel