De wereld verandert snel. Ook op het gebied van mobiliteit en parkeren. Zowel op het gebied van voertuigtechnieken (elektrisch vervoer, zelfsturende auto’s), delen van voertuigen (Über, deelauto’s, e.d.) als op het gebied van technologie en ICT (reserveren van auto’s en parkeerplaatsen, parkeerinformatie, afrekenen, e.d.).
Er ontstaan nieuwe mobiliteitsconcepten zoals mobiliteitsabonnementen waarbij verschillende vormen van vervoer gecombineerd worden en de voertuigen niet per se eigendom zijn van de gebruiker. ‘Gebruik is het nieuwe bezit’ is een veelgebruikte bewering. In diverse toekomstvisies worden verschillende gevolgen voor mobiliteit en parkeren beschreven van al deze ontwikkelingen.
2.1.1Autobezit en –gebruik
Het Centraal PlanBureau en het PlanBureau voor de Leefomgeving gaan, in hun recente beleidsscenario’s, voor heel Nederland uit van een groei van het autopark van 4% tot 9% in 2030 ten opzichte van 2019.
Autodelen zou de groei van het autopark en het autogebruik voor een klein deel kunnen opvangen. Het succes van autodelen is echter ongewis. Het Centraal PlanBureau geeft aan dat wanneer 10% van de automobilisten hun auto zou delen, dat dit dan kan leiden tot 1,5 – 2% minder autogebruik. Uit brancheonderzoeken blijkt dat het autobezit onder jongeren achter blijft. Het autobezit onder ouderen neemt echter toe. Daar waar vroeger het bezitten van een auto over het algemeen werd nagestreefd vanaf 18 jaar, zien we nu dat het bezitten van een auto (en welk soort) veel meer samenhangt met levensfases. Zolang iemand jong en alleenstaand is en in de (binnen)stad woont, is de behoefte aan een auto niet zo groot maar wanneer het gezin in beeld komt, komt ook een eigen auto in beeld. Het autodelen in Oldenzaal heeft in het verleden niet tot voldoende resultaat geleid maar kan in de toekomst bij voldoende animo weer geïntroduceerd worden. Voor Oldenzaal gaan we uit van een groei van het autopark tot maximaal 7% in 2030 ten opzichte van 2019.
2.1.2Binnenstedelijke ontwikkelingen
De toekomst van binnensteden is onzeker. Winkelconcepten veranderen, worden kleinschaliger, meer specialistisch en meer gericht op beleving. De menging van wonen, horeca en cultuur met winkelen neemt toe. Dat alles vraagt om meer verblijfsgebied waar het comfortabel vertoeven is. Het is van belang om ook flexibel te zijn.
Retail lijkt te lijden onder het internet winkelen, sinds kort zijn internetwinkels echter steeds meer geneigd ook een fysieke winkel te openen. Dat geeft aan dat ontwikkelingen snel gaan en niet eenvoudig te voorspellen zijn.
2.1.3Ruimtelijke ontwikkelingen
Naast de binnenstad worden ook de schilwijken, de wijken direct om het centrum, geconfronteerd met ruimtelijke ontwikkelingen als verdichting (meer wooneenheden per m2) , transformatie van functies (winkels/kantoren worden appartementen), verschuiving in doelgroepen (meer eenpersoonshuishoudens, vergrijzing), etc. Deze ontwikkelingen hebben ook gevolgen voor de parkeeropgave en zullen daarom ook de komende jaren nauwlettend in de gaten worden gehouden.
2.1.4 Betaald parkeren, retail en benchmarking
Een andere ontwikkeling die in Nederland grootschalig speelt op parkeergebied, is de gedachte dat het verlagen van het betaald parkeertarief een boost kan geven aan de retail in de binnenstad. Deze gedachte heeft in Nederland in verschillende gemeenten geleid tot experimenten. Van het tijdelijk afschaffen van betaald parkeren, lagere tarieven tot blauwe zones in allerlei varianten. De experimenten zijn in volle gang en de monitoring van de experimenten is zeer verschillend. Op basis van onderzoeken lijkt de stelling gerechtvaardigd dat er vrijwel geen relatie is tussen tariefdifferentiatie en retail omzet. Een aantal experimenten lijkt dat echter tegen te spreken.
In opdracht van de provincie Overijssel is de vitaliteitsbenchmark voor alle Overijsselse centrumgebieden uitgevoerd en is de landelijk gebruikte benchmark uitgebreid met voor Overijssel relevante indicatoren. Uit de vitaliteitsbenchmark blijkt dat het centrumgebied van Oldenzaal ‘gemiddeld vitaal’ is (op een schaal van minst tot zeer vitaal). Daarmee is Oldenzaal vergelijkbaar met Borne en Haaksbergen. Centrumgebieden die beter scoren zijn bijvoorbeeld Enschede, Zwolle, Deventer, Rijssen, Kampen en Hardenberg. De vitaliteitsbenchmark is een instrument om de sterke en zwakke punten in beeld te brengen en hierop in te spelen. Voor Oldenzaal zal er een vitaliteitsbenchmark uitgevoerd worden om beter inzicht te krijgen in de kansen en bedreigingen. De resultaten uit de benchmark zijn input voor bijvoorbeeld de pilots gastvrije binnenstad.
Figuur 2: economische vitaliteit van de binnensteden in Overijssel
2.1.5 Omgevingswet
Het doel van de Omgevingswet is dat al het beleid in de fysieke leefomgeving wordt vastgesteld in een omgevingsvisie, omgevingsprogramma’s en omgevingsplannen. De centrale gedachte van de omgevingswet is dat de regelgeving vermindert, het beleid integraal wordt en dat het beleid ontwikkelingsgericht is. Het gaat met andere woorden dus ook over ‘mogelijk maken’. Het mobiliteits- en parkeerbeleid zal dus onderdeel gaan uitmaken van de omgevingsvisie en omgevingsplannen. De geplande inwerkingtreding van de Omgevingswet was 1 januari 2021. Inmiddels is de datum van inwerkintreding uitgesteld, ten tijde van schrijven van deze Kadernota was nog onbekend wanneer de nieuwe geplande datum is.
2.1.6Digitalisering
Digitalisering heeft de afgelopen jaren binnen het thema parkeren een sterke ontwikkeling doorgemaakt. Binnen Oldenzaal is er de mogelijkheid voor het zogenaamde belparkeren, zijn de parkeervergunningen gedigitaliseerd en is het kentekenparkeren ingevoerd,. Deze ontwikkelingen zullen in de komende jaren verder gaan. De nieuwe parkeerautomaten zijn voorbereid op verdergaande digitalisering zoals kentekenparkeren en bezoekerskaarten.
Tot slot zal steeds meer gebruik worden gemaakt van data, vanuit onder andere de parkeerautomaten en het belparkeren, waarmee meer inzicht komt in het parkeergedrag en daarmee kan de bereikbaarheid en de kwaliteit van de dienstverlening voor de parkeerder verhoogd worden.
2.1.7Duurzaamheid
Duurzaamheid en klimaatadaptatie zijn belangrijke thema's die ook op het gebied van mobiliteit en parkeren betrekking hebben. Positieve trends zijn de toename van het gebruik van de elektrische auto en de groei van het gebruik van de elektrische fiets en de deelauto. Toch groeit het totale wagenpark de komende jaren naar verwachting. Dit leidt tot een groter ruimtebeslag door auto's en mogelijk negatieve gevolgen voor de luchtkwaliteit en de geluidsoverlast. Ook hittestress in de binnenstad is een onderwerp wat parkeren direct raakt. Parkeerplaatsen in de openbare ruimte, en dan met name parkeerterreinen, vergroten de hittestress in de binnenstad. Verplaatsen van de parkplaatsen in de openbare ruimte naar overdekte stallingen zoals een parkeergarage draagt bij aan de vermindering van de hittestress.
Van belang blijft om bezoekers van de stad en bewoners bewust te laten zijn van de gevolgen voor het milieu en de kwaliteit van hun woon- en leefomgeving van hun vervoerwijzekeuze.
In het Masterplan ‘binnenstad Oldenzaal’ is een beeld gegeven hoe de binnenstad een meer groen en duurzamer karakter kan krijgen.
Hoofdstuk 2.
Artikel 2.1
Trends en ontwikkelingen
Onderdeel van Besluit van de gemeenteraad van de gemeente Oldenzaal houdende regels omtrent parkeren