Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 3.2

Vastgoedtransacties onderzoek vooraf

Onderdeel van Beleidsregels toepassing van de Wet Bibob gemeente Bunnik 2020

De gemeente voert in beginsel een Bibob-onderzoek uit voordat een beslissing wordt genomen over het aangaan van een vastgoedtransactie (verkoop- en verhuur onroerend goed, gronduitgifte, verlenen van een gebruiksrecht, vestigen zakelijk recht) indien op grond van: eigen ambtelijke informatie, en/of informatie verkregen van het Bureau, en/of informatie afkomstig van (een van) de partners uit het samenwerkingsverband RIEC, en/of verkregen informatie vanuit het OM als bedoeld in artikel 26 van de wet (OM-tip) overige signalen vragen ontstaan of bestaan over de betrokkene en/of zijn potentiele, huidige of voormalige Bibob-relaties als bedoeld in artikel 3, vierde lid van de Wet Bibob en/of over de organisatiestructuur en/of wijze van financiering. Onverminderd het bepaalde in het eerste lid, voert de gemeente in beginsel een Bibob-onderzoek uit voordat een beslissing wordt genomen over het aangaan van een vastgoedtransactie, indien de onroerende zaak waarop de vastgoedtransactie betrekking heeft zal worden gebruikt in één van de volgende sectoren: horecabedrijven; seks- en escortbedrijven; coffeeshops (inrichtingen waarin middelen als bedoeld in lijst II van de Opiumwet te koop worden aangeboden); smartshops (inrichtingen waarin psychoactieve substanties, waaronder niet traditionele genotsmiddelen op natuurlijke basis) te koop worden aangeboden); headshops (inrichtingen waarin artikelen en hulpmiddelen voor het gebruik van drugs te koop worden aangeboden); shishalounges; speelautomatenhallen fitnesscentra; wellnessbranche (massage- en beautysalons, nagel- en zonnebankstudio’s); autobranche (autohandel, garages, lease- en verhuurbedrijven en autodemontage); belwinkels; woonruimte voor arbeidsmigranten; woonwagenterreinen; industrieterreinen; religieuze instellingen; afvalverwerkingsbedrijven; recreatieterreinen. Onverminderd het bepaalde in het eerste en tweede lid, zal voorafgaand aan een vastgoedtransactie met als doel de uitgifte van grond door de gemeente, in ieder geval aanleiding kunnen bestaan voor het uitvoeren van een Bibob-onderzoek indien vragen bestaan over onder meer: de hoogte van de bieding in relatie tot de waardering van de grond en/of de financiering van de vastgoedtransactie en /of de contractspartij. De omstandigheid dat een gronduitgifte veelal wordt gevolgd door een omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen maakt dat de gemeente voorafgaand aan een vastgoedtransactie met als doel de uitgifte van grond, een Bibob-onderzoek kan uitvoeren als voldoende aannemelijk is dat zich één van de situaties zoals genoemd in artikel 2.3 lid 1 voordoet of zal gaan voordoen. De gemeente kan een Bibob-onderzoek starten voordat een beslissing wordt genomen over het aangaan van een vastgoedtransactie, indien: de transactie betrekking heeft op een beeldbepalende onroerende zaak of op een onroerende zaak die naar het oordeel van de gemeente symbolische waarde heeft; de onroerende zaak waarop de vastgoedtransactie betrekking heeft gelegen is in een door het college vastgesteld aandachtsgebied. Indien is besloten tot het uitvoeren van een Bibob-onderzoek, komt er geen overeenkomst tot stand totdat het Bibob-onderzoek volledig is afgerond, tenzij partijen dat nadrukkelijk anders schriftelijk overeenkomen. De gemeente kan afzien van het uitvoeren van een Bibob-onderzoek als de vastgoedtransactie wordt aangegaan met overheidsinstanties, semi-overheidsinstanties, een op grond van artikel 70 Woningwet toegelaten woning(bouw)corporatie en/of door het college bij (specifiek) besluit aangewezen betrokkenen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel