Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5

Artikel 26.

Eigen bijdrage

Onderdeel van Verordening Wmo gemeente Midden-Drenthe 2020

Een cliënt is een bijdrage in de kosten verschuldigd voor een maatwerkvoorziening of pgb, zolang de cliënt van de maatwerkvoorziening gebruik maakt of gedurende de periode waarvoor het pgb wordt verstrekt, met als maximum de kostprijs. De ingangsdatum voor de bijdrage in de kosten is de eerste CAK-periode volgend op de datum waarop de beschikking is verzonden. De bijdragen voor maatwerkvoorzieningen of pgb zijn gelijk aan de kostprijs, tot aan ten hoogste € 19,00 per maand voor de ongehuwde cliënt of de gehuwde cliënten tezamen, tenzij overeenkomstig artikel 2.1.4 en 2.1.4a, vijfde lid, van de wet of hoofdstuk 3 van het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015, geen of een lagere bijdrage is verschuldigd. Een inwoner is een bijdrage verschuldigd in de kosten voor het gebruik van collectief vervoer, ter hoogte van € 0,17 per kilometer met een instaptarief van € 0,98. De hiervoor genoemde bedragen zijn uitgedrukt in het prijspeil van 2020. De bedragen worden ieder opvolgend kalenderjaar gewijzigd aan de hand van de landelijke indexering OV basistarief en indexering kilometertarief OV in Groningen en Drenthe. Het college kan onder voorwaarden vrijstelling geven in de bijdrage van de kosten voor een maatwerkvoorziening. Het college kan hiervoor nadere regels vaststellen. In afwijking van het eerste lid is er geen eigen bijdrage verschuldigd voor: woonvoorzieningen aan gemeenschappelijke ruimtes; rolstoelen; aanpassingen aan rolstoelen; voorzieningen ten behoeve van cliënten tot achttien jaar, met uitzondering van een woningaanpassing; voorzieningen waarvan de afschrijvingstermijnen zijn verlopen. Er is geen eigen bijdrage meer verschuldigd als de cliënt is overleden. Vervanging van de voorziening heeft invloed op de duur van het betalen van de eigen bijdrage. De eigenbijdrage begint opnieuw te lopen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel