Naar hoofdinhoud
1.. Een foetus mag worden begraven nadat burgemeester en wethouders een verklaring van een arts hebben ontvangen waaruit blijkt dat de begrafenis een foetus betreft. 2.. Een foetus mag worden begraven op een aangewezen door burgemeester en wethouders aangewezen foetushof of in een particulier graf. 3.. Bij begraving op de foetushof mag voor het omhulsel uitsluitend gebruik gemaakt worden van natuurlijke, afbreekbare materialen. 4.. Burgemeester en wethouders bepalen in overleg met de ouders de tijd en de procedure van de begraving. 5.. Er geldt voor een begraafplek op het foetusveld géén minimale instandhoudingstermijn (grafrusttermijn). Opheffing van een begraafplek vindt plaats naar het oordeel van burgemeester en wethouders.

Rechtspraak bij dit artikel