1. Indien een omgevingsvergunning wordt verleend voor het vellen van een houtopstand dan maakt het college gebruik van de bevoegdheid te bepalen dat de omgevingsvergunning in werking treedt met ingang van de dag waarop vier weken zijn verstreken sinds de dag van bekendmaking of terinzagelegging op grond van artikel 16.79, tweede lid, van de Omgevingswet.
2. Het college geeft geen toepassing aan het eerste lid indien een omgevingsvergunning wordt verleend voor het vellen van een houtopstand die een onmiddellijk gevaar voor de omgeving oplevert als bedoeld in artikel 4:11b, eerste lid, onder c van de Algemene Plaatselijke Verordening.
Artikel 3