Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1.

Artikel 1.

Definities

Onderdeel van Verordening naamgeving en nummering (adressen) 2020

1. In deze verordening en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: - Adres; - Ligplaats; - Openbare ruimte; - Pand; - Standplaats; - Verblijfsobject; - Woonplaats; dat wat daaronder wordt verstaan in de Wet basisregistratie adressen en gebouwen. 2. In deze verordening en de daarop berustende bepalingen wordt verder verstaan onder: - College: het college van burgemeester en wethouders. - Bouwwerk: elke constructie van enige omvang hout, steen, metaal of ander materiaal, die op de plaats van de bestemming hetzij direct, hetzij indirect met de grond verbonden, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond bedoeld is om ter plaatse te functioneren. - Gebouw: elk bouwwerk dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt. - Nummeraanduiding: dat wat daaronder wordt verstaan in de Wet basisregistratie adressen en gebouwen, met dien verstande dat deze bestaat uit een of meer Arabische cijfers, al dan niet met toevoeging van een letter- of cijfercombinatie. - Rechthebbende: een ieder die krachtens eigendom of een beperkt zakelijk recht of een persoonlijk recht zodanig de beschikking heeft over een onroerende zaak dat hij naar burgerlijk recht bevoegd is om in de zaak te handelen zoals in de verordening is voorgeschreven, alsmede de beheerder.

Rechtspraak bij dit artikel