Naar hoofdinhoud
6.1.Kosten voor bewindvoering Algemeen Er dient een onderscheid te worden gemaakt in de kosten van vrijwillige- en verplichte bewindvoering. Als de kantonrechter op grond van artikel 1:431 e.v. Burgerlijk Wetboek de noodzaak tot onderbewindstelling heeft beoordeeld en vastgesteld, bestaat er voor het college geen vrijheid meer de onderbewindstelling te beoordelen en evenmin om te bezien of er andere oplossingen mogelijk zouden zijn. De met bewindvoering samenhangende kosten komen in deze situatie in aanmerking voor bijzondere bijstand. Als de rechtbank een bewindvoerder benoemt in het kader van de WSNP geldt het Besluit subsidie bewindvoerder schuldsanering als een passende en toereikende voorliggende voorziening. Bij vrijwillige bewindvoering zal er moeten worden beoordeeld of men geen gebruik kan maken van andere voorliggende oplossingen zoals budgetbegeleiding via de Kredietbank Nederland. Voorwaarden Indien er sprake is van verplichte onderbewindstelling kan bijzondere bijstand worden verleend. Als bewijs dient een beschikking van de kantonrechter te worden overgelegd. De hoogte van de bijzondere bijstand wordt volgens de richtlijnen van het Landelijke Overleg Kantonsectorvoorzitters (LOK) vastgesteld. 6.2.Rechtshulp Algemeen Indien op grond van een toevoeging rechtsbijstand wordt verleend, dient het college de noodzaak voor het verlenen van rechtshulp aan te nemen. Een toevoeging (van een advocaat) vindt slechts plaats als de Raad voor de rechtsbijstand de procedure noodzakelijk acht. In het geval van een toevoeging worden de kosten (exclusief de eigen bijdrage) van de (toegevoegde) advocaat vergoed op grond van de Wet op de rechtsbijstand (Wrb). De eigen bijdrage voor rechtsbijstand wordt verlaagd met € 54 (bedrag van 2019, dit wijzigt jaarlijks) wanneer een belanghebbende eerst (gratis) rechtshulp vraagt aan het Juridisch Loket alvorens een advocaat te raadplegen. Wanneer een belanghebbende niet eerst rechtsbijstand vraagt aan het Juridisch Loket en als gevolg daarvan wordt geconfronteerd met een hogere eigen bijdrage, kan de bijzondere bijstand worden afgestemd met € 50 wegens tekortschietend besef van verantwoordelijkheid voor de voorziening in het bestaan. Voorwaarden Er bestaat recht op bijzondere bijstand voor de eigen bijdrage kosten van rechtsbijstand indien op grond van een toevoeging krachtens de Wrb rechtsbijstand wordt verleend. Indien wordt voldaan aan lid 1 kan bijzondere bijstand worden verleend voor de eigen bijdrage en de eventueel noodzakelijke bijkomende kosten zoals griffierecht. De hoogte van de bijzondere bijstand is gelijk aan de werkelijk gemaakte kosten; belanghebbende dient hiervan bewijsstukken te overleggen. Indien de procedure is gewonnen, dient onderzocht te worden of de tegenpartij is veroordeeld in deze kosten. De verleende bijstand dient dan te worden terugbetaald. Als een procedure ingevolge de Algemene Wet Bestuursrecht wordt gevolgd, wordt griffierecht terugbetaald door de rechterlijke instantie, indien de zaak door belanghebbende wordt gewonnen. Als hiervoor bijstand is verleend, dient deze door belanghebbende te worden terugbetaald. 6.3.Reiskosten Algemeen Reiskosten behoren tot de algemeen noodzakelijke bestaanskosten. Deze kosten kunnen uit de bijstandsnorm worden voldaan. In een aantal situaties is het mogelijk om bijzondere bijstand te verstrekken. Het gaat hier om reiskosten in verband met: bezoek aan gedetineerde, bezoek aan elders verpleegden/verzorgden (bijvoorbeeld ziekenhuis), bezoek aan uit huisgeplaatste kinderen. Voorwaarden Voor alle reiskosten geldt dat een basisbedrag voor een enkele reis voor rekening van belanghebbende komt, zie financieel besluit. Voor alle reiskosten geldt dat de vergoedingen worden vastgesteld op basis van de tarieven van het openbaar vervoer. Het tweede lid is niet van toepassing als er vanwege gezondheidsredenen niet kan worden gereisd met het openbaar vervoer. In dit geval kan er een vergoeding op basis van gebruik van de eigen auto worden vastgesteld. Deze vergoeding wordt vastgesteld op de feitelijk te rijden kilometers op basis van de kortste route. Het uitkeringsbedrag per kilometer is opgenomen in het financieel besluit. 6.3.1.Bezoek aan gedetineerde De reiskosten in verband met bezoek aan een gedetineerde kunnen in aanmerking komen voor bijzondere bijstand. De gedetineerde moet tot het gezin behoren. Aanvullende voorwaarden Er kan bijzondere bijstand worden verleend indien: de gedetineerde behoort tot het gezin en; de gedetineerde verblijft in een gesloten inrichting en geen recht heeft op verlof; De bijzondere bijstand wordt gelimiteerd op een bezoekfrequentie van maximaal 1 keer per week per gezinslid. 6.3.2.Bezoek aan elders verpleegden/verzorgden De reiskosten die gemaakt worden voor bezoek aan een elders verpleegde/verzorgde (bijvoorbeeld ziekenhuis of verzorgingstehuis) kunnen in aanmerking komen voor bijzondere bijstand. De verpleegde/verzorgde moet tot het gezin behoren. Aanvullende voorwaarden Er kan bijzondere bijstand worden verleend indien de verpleegde/verzorgde behoort tot het gezin. De bijzondere bijstand wordt gelimiteerd op een bezoekfrequentie van maximaal 1 keer per week per gezinslid. In bijzondere situaties kan op individuele basis worden afgeweken van de bezoekfrequentie zoals genoemd in lid 2. 6.3.3.Bezoek aan uit huisgeplaatste kinderen De reiskosten voor bezoek aan een uit huisgeplaatst kind door ouder(s) komen voor bijzondere bijstand in aanmerking. De reiskosten die gemaakt worden in verband met een omgangsregeling omdat beide ouders niet dichtbij elkaar wonen, komen niet in aanmerking voor bijzondere bijstand. Aanvullende voorwaarden Er kan bijzondere bijstand worden verleend indien er een bewijs van uithuisplaatsing is. De bijzondere bijstand wordt vastgesteld aan de hand van de bezoekregeling die opgesteld is door de instelling zoals bijvoorbeeld Bureau Jeugdzorg. 6.4.Uitvaartkosten Algemeen Bijzondere bijstand ten behoeve van begrafenis of crematie kan verleend worden aan de nabestaande van de overledene, voor zover de uitvaartkosten niet uit de nalatenschap voldaan kunnen worden en de nabestaande niet over toereikende middelen beschikt om (zijn aandeel in) de uitvaartkosten te voldoen. De nabestaanden zijn de echtgenoot, de partner, de ouder en de kinderen. De kosten van een begrafenis of crematie kunnen dus niet worden geacht te behoren tot de noodzakelijke bestaanskosten van de overledene zelf, omdat bijstandsverlening aan de overledene niet mogelijk is. Voorwaarden De kosten voor een uitvaart komen tot een maximumbedrag in aanmerking voor bijzondere bijstand, zie financieel besluit. Het maximumbedrag is per uitvaart, niet per erfgenaam Indexatie van de kosten vindt jaarlijks plaats d.m.v. het indexeringspercentage voor alimentatie. Vergoed worden: de kosten van de uitvaart, onder aftrek van de eventuele uitkering van de uitvaartverzekering Bij overlijden in het buitenland wordt geen extra bijstand verleend voor de kosten van repatriëring. Er wordt geen bijstand verleend voor een begrafenis en/of uitvaart in het buitenland.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel