Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5

Artikel 22

Protocol uitvaart in opdracht van gemeente.

Onderdeel van Nadere regels inhoudende uitvoeringsbesluit begraafplaatsen Kampen 2021

Wanneer nabestaanden of verkrijger(s) van de nalatenschap van een overledene geen opdracht willen geven tot een uitvaart zal in dat geval de burgemeester, gelet op artikel 21 van de Wet op de Lijkbezorging, deze taak op zich nemen en opdracht geven aan een uitvaartondernemer tot het regelen van een “minimale” uitvaart. In dat geval gelden de volgende regels: de gemeente zal alle graf - en begraafkosten en de overige aan de betreffende uitvaart verbonden kosten verhalen op de nalatenschap. Indien er geen nalatenschap is, of als deze niet toereikend is, zullen de kosten zonder uitzondering worden verhaald op de bloedverwanten, die krachtens de artikelen 392-396 van Boek I van het Burgerlijk Wetboek tot onderhoud van de overledene verplicht zouden zijn geweest; de uitvaartondernemer meldt het overlijden op de gebruikelijke wijze bij de gemeente. De uitvaartondernemer geeft door dat de nabestaande(n) of verkrijger(s) geen opdracht wil geven voor het regelen van de uitvaart. Indien bekend, geeft de uitvaartondernemer de naam en het adres door van de nabestaande(n) of verkrijger(s); als de nabestaande(n) of verkrijger(s) daadwerkelijk blijft bij zijn weigering om opdracht te geven voor de uitvaart zal de daarvoor aangewezen ambtenaar/ambtenaren, namens de burgemeester, opdracht geven aan de uitvaartondernemer voor een sobere en waardige uitvaart; de ambtenaar die namens de burgemeester opdracht heeft gegeven tot uitvaart neemt contact op met de nabestaande(n) of verkrijger(s). Daarbij zal het aspect van het in rekening brengen van alle kosten aan de nabestaanden van de overledene nadrukkelijk aan de orde worden gesteld. Tevens zal uitgelegd worden dat als de burgemeester opdracht moet geven voor de uitvaart o.a. de volgende regels van toepassing zijn: de burgemeester bepaalt waar en wanneer de overledene zal worden begraven in een algemeen graf; er wordt geen overlijdensadvertentie geplaatst; er wordt gekozen voor de goedkoopste kist; er wordt gezorgd voor de noodzakelijke opbaring en vervoer. gedurende de periode van opbaring (max. 5 werkdagen) berust de sleutel van de opbaarruimte bij de eigenaar van de opbaarruimte; er vindt een eenvoudige afscheidsbijeenkomst plaats met max. 3 stukken muziek en eventueel korte toespraak; de kist wordt voorzien van eenvoudig rouwboeket; (eventuele) nabestaanden of verkrijgers hebben geen inbreng in de uitvoering van de uitvaart; er wordt geen gedenkteken op het graf geplaatst; de uitvaartondernemer brengt de kosten in rekening bij de gemeente, die vervolgens door de gemeente, als opdrachtgever, zullen worden betaald; de gemeente verhaalt de kosten, zoals eerdergenoemd op de nalatenschap of brengt deze in rekening bij de bloed - of aanverwanten van de overledene. Ingevolge artikel 22 van de Wet op de lijkbezorging kunnen alle gemaakte kosten die betrekking hebben op de lijkbezorging verhaald worden op de nalatenschap via de notaris. De artikelen 392-396 van Boek I van het Burgerlijk Wetboek geven aan dat de bloed- en aanverwanten tot onderhoud verplicht zijn.

Rechtspraak bij dit artikel