Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 2.4.0.7.

- Tegengaan vervreemdingen

Onderdeel van Verordening wet maatschappelijke ondersteuning gemeente Sluis 2009

1.. De subsidieontvanger heeft de voorafgaande toestemming van het college nodig voor: het oprichten van dan wel deelnemen in een rechtspersoon; de verkoop van aandelen; het in eigendom verwerven, het vervreemden of het bezwaren van registergoederen indien zij mede zijn verworven door middel van de subsidiegelden, dan wel de lasten daarvoor mede worden bekostigd uit de subsidiegelden; het aangaan en beëindigen van overeenkomsten tot verkrijging, vervreemding of bezwaring van registergoederen of tot huur, verhuur of pacht daarvan, indien deze goederen geheel of gedeeltelijk zijn verworven door middel van de subsidie dan wel de uitgaven daarvoor mede zijn bekostigd uit de subsidie; het aangaan van kredietovereenkomsten en van overeenkomsten van geldlening; het aangaan van overeenkomsten waarbij de subsidieontvanger zich verbindt tot zekerheidsstelling met inbegrip van zekerheidsstelling voor schulden van derden of waarbij zij zich als borg of als hoofdelijk medeschuldenaar verbindt of zich voor een derde sterk maakt; het vormen van fondsen en reserveringen; het vaststellen of wijzigen van tarieven voor door de subsidieontvanger in de gewone uitoefening van zijn gesubsidieerde activiteiten te verrichten werkzaamheden; het ontbinden van de rechtspersoon; het doen van aangifte tot faillissement of het aanvragen van surséance van betaling. 2.. Indien de aanvrager geen rechtspersoon is dan zijn de bepalingen in lid 1 sub b, e en i niet van toepassing. 3.. Het college beslist binnen acht weken over de toestemming. 4.. De beslissing, zoals bedoeld in het vorige lid, kan eenmaal voor ten hoogste acht weken worden verdaagd. 5.. Als over de toestemming niet tijdig is beslist, wordt de toestemming geacht te zijn verleend.

Rechtspraak bij dit artikel