De gemeente toetst verzoeken voor een (pré)mantelzorgwoning aan onderstaande tabel. De gemeente werkt mee aan verzoek voor een (pré)mantelzorgwoning als dit aan alle genummerde punten in de kolommen ‘Hoe bereiken we dat (wijze)’ en ‘spelregels’ voldoet. Het doel en hoe we dat bereiken staat vast. Van spelregels kan de gemeente afwijken als zij van mening is dat het doel ook op een andere manier bereikt wordt.
Deze beleidsregel past binnen de uitgangspunten van de Omgevingswet. De beleidsregel geeft ruimte voor maatwerk bij initiatieven. Daarbij staat het doel van het initiatief in de fysieke leefomgeving centraal in plaats van de vraag ‘mag het wel?’. De onderstaande tabel geeft daarvoor het kader.
Wat willen we bereiken (doel)?
Hoe bereiken we dat (wijze)?
Spelregel(s)
-
Mensen langer in (eigen) woning laten wonen via een (pré)mantelzorgwoning als er sprake is van dusdanige beperkingen of verwachte beperkingen dat mantelzorg direct of op termijn noodzakelijk is.
1) Aanvrager dient aan te tonen dat de woning zal worden gebruikt voor prémantelzorg en/of mantelzorg. Daarbij dient de
mantelzorger aan te tonen op welke wijze nu en in de toekomst (pré)mantelzorg wordt verleend.
-
-
Een veilige en voor (pré)mantelzorg bouw- en woon technisch geschikte woning.
2) De (pré)mantelzorgwoning dient te voldoen aan de eisen uit het Bouwbesluit en Bouwverordening. Ook dient de (pré)mantelzorgwoning of de bestaande (hoofd)woning geschikt te zijn voor (pré)mantelzorg.
-
Een (pré)mantelzorgwoning die voldoet aan een goede ruimtelijke ordening en (indien mogelijk) een bijdrage levert aan de duurzaamheidsdoelen van de gemeente Beesel.
3) De (pré)mantelzorgwoning moet stedenbouwkundig passen in de omgeving en voldoen aan de redelijke eisen van welstand.
4) Bij nieuwe bebouwing dient hemelwaterinfiltratie plaats te vinden op eigen terrein via een voorziening met voldoende capaciteit.
5) De (pré)mantelzorgwoning mag niet in strijd zijn met beleid en wetgeving anders dan het bestemmingsplan.
6) Het gebruik mag geen onevenredige afbreuk doen aan de gebruiksmogelijkheden van belendende erven en bedrijvigheid. Daarbij is het streven dat initiatiefnemer (tijdig) met omwonenden overleg voert over de (pré)mantelzorgwoning.
7) Nieuwe bebouwing wordt opgericht binnen een bestaand bouwvlak en aanvrager dient aan te tonen dat er voldoende parkeerplaatsen op eigen terrein aanwezig (zullen) zijn.
8) De (pré)mantelzorgwoning is ondergeschikt aan de bijbehorende woning. De (pré)mantelzorgwoning is gemeten in m2 en m3 kleiner dan de bijbehorende woning.
9) Aanvrager dient aan te tonen of en zo ja, op welke wijze de (pré)mantelzorgwoning een bijdrage levert aan de duurzaamheidsdoelstellingen van de gemeente Beesel.
-
De (pré)mantelzorgwoning leidt niet tot verstening van het buitengebied.
10) In het buitengebied worden in beginsel geen nieuw op te richten (pré)mantelzorgwoningen toegestaan. Indien gemotiveerd en/of aangetoond kan worden dat een gevraagde prémantelzorgwoning niet direct of op termijn leidt tot significante extra verstening, kan de gemeente meewerken aan een (pré)mantelzorgwoning in het buitengebied.
-
De (pré)mantelzorgwoning dient economisch uitvoerbaar te zijn.
11) Initiatiefnemer dient vooraf een planschadeovereenkomst met de gemeente af te sluiten. Deze overeenkomst zorgt ervoor dat eventuele kosten door planschade voor rekening van initiatiefnemer komen.
-
Een (pré)mantelzorgwoning die een tijdelijke woning is (en geen reguliere woning).
Toelichting:
Doel is een (pré)mantelzorgwoning met een tijdelijk en persoonlijk karakter. De eindigheid van de (pré)mantelzorgwoning is dan al bekend en geformaliseerd en altijd ondergeschikt aan de bijbehorende (bestaande) woning. Hierdoor is er zekerheid dat een (pré)mantelzorgwoning komt te vervallen na beëindiging van de (pré)mantelzorg en geen zelfstandig bestaansrecht ontstaat. Deze (pré)mantelzorgwoning telt niet mee als reguliere woning in de woningvoorraad.
12) De tijdigheid is per (pré)mantelzorgwoning bestuursrechtelijk gekoppeld aan het beëindigen van de concrete (pré)mantelzorgrelatie. Uit de aanvraag dient te blijken dat de (pré)mantelzorgwoning enkel wordt gebruikt door de(pré)mantelzorgontvanger(s)of verlener(s) en niet voor reguliere bewoning door derden. De aanvraag bevat de NAW-gegevens van deze personen. Uit de aanvraag moet volgen dat de (pré)mantelzorgwoning enkel voor de huisvestiging van bovengenoemde personen zullen worden gebruikt in het kader van (pré)mantelzorg. Als de (pré)mantelzorg eindigt, dan dient dit binnen twee maanden na deze beëindiging schriftelijk aan de gemeente kenbaar worden gemaakt. Binnen vier maanden na bovengenoemde beëindiging dient een mobiele (pré)mantelzorgwoning volledig te worden verwijderd of dienen - als er geen sprake is van een mobiele (pré)mantelzorgwoning maar van bijvoorbeeld een aanbouw- de voorzieningen die het gebruik van de mantelzorgwoning als (een) verblijfsobject mogelijk maken, te worden verwijderd. Concreet betekent dit dat binnen deze vier maanden de keuken of alle sanitaire voorzieningen uit de vergunde (pré)mantelzorgwoning volledig dienen te worden verwijderd. Deze punten neemt de gemeente als vergunningvoorschrift in de vergunning op.
13) de (pré)mantelzorgwoning wordt aangesloten op de bestaande nutsvoorzieningen.
Artikel 2.
Doelentabel (voorwaarden)
Onderdeel van Planologische medewerking aan (pré)mantelzorgwoningen