In deze verordening wordt verstaan onder:
Anciënniteitslijst: Het college houdt een lijst bij van houders van een vergunning voor een vaste standplaats, met vermelding van de datum waarop de betrokkenen voor het eerste een vergunning voor een vaste standplaats werd verleend en met vermelding van de branche waartoe zij behoren of de artikelen die ze verhandelen;
Branchering: de indeling in artikelengroepen en het aantal vastgestelde plaatsen per artikelengroep;
College: het college van burgemeester en wethouders;
Dagplaats: een standplaats, die per marktdag beschikbaar wordt gesteld, indien een vaste standplaats niet wordt ingenomen, dan wel niet als vaste standplaats is toegekend;
Markt: de door het college ingestelde warenmarkt;
Marktmeester: de persoon die als zodanig is aangewezen door het college;
Marktterrein: het door het college aangewezen gebied zoals aangegeven op de kaarten bedoeld in artikel 3 van deze verordening;
Standplaats: de ruimte die voor de duur van de markt is aangewezen voor het uitoefenen van de markthandel;
Standwerken: de activiteit waarbij de vergunninghouder met een aansprekende uiteenzetting probeert artikelen te verkopen aan het om hem heen verzamelde publiek;
Standwerker: iemand die publiek om zich heen verzamelt en dat door een aansprekende uiteenzetting probeert over te halen artikelen te kopen;
Standwerkplaats: de standplaats die per marktdag ter beschikking wordt gesteld om te standwerken;
Vaste standplaats: de standplaats die wekelijks op de marktdag wordt ingenomen door een vergunninghouder;
Vergunninghouder: degene aan wie door het college vergunning is verleend voor het innemen van een standplaats;
Wachtlijst: het college houdt een lijst bij van de kandidaten voor een vergunning voor een vaste standplaats, die daarvoor een aanvraag hebben ingediend en die een handelingsbekwame natuurlijke persoon zijn.
Hoofdstuk 1.
Artikel 1.