Naar hoofdinhoud

Artikel 3.4.10.2

Beperking verkeer in natuurgebieden (APV)

Onderdeel van Verordening voor de fysieke leefomgeving Leiden 2020

1.. Het is niet toegestaan om zich met een motorvoertuig, bromfiets, fiets of paard te bevinden binnen voor het publiek toegankelijke natuurgebieden, parken, plantsoenen of andere terreinen die voor recreatief gebruik beschikbaar zijn. 2.. Het verbod als bedoeld in het eerste lid is niet van toepassing op terreinen die door het college zijn aangewezen. Het college kan nadere regels stellen voor het gebruik van deze terreinen in het belang van: het voorkomen van overlast; de bescherming van natuur- of milieuwaarden; de veiligheid van het publiek. 3.. Het verbod als bedoeld in het eerste lid is niet van toepassing op motorvoertuigen, bromfietsen, fietsen en paarden: die worden gebruikt door de politie, brandweer, geneeskundige hulpverlening of andere hulpverleningsdiensten die krachtens artikel 29, eerste lid van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 door de bevoegde minister zijn aangewezen; die worden gebruikt in verband met het beheer, onderhoud of exploitatie van de terreinen als bedoeld in het eerste lid; die worden gebruikt in verband met werken die krachtens een wettelijk voorschrift moeten worden uitgevoerd; van de zakelijk gerechtigden, huurders en pachters van percelen die binnen de terreinen als bedoeld in het eerste lid liggen; voor het verkeer ten behoeve van het bezoek of verzorging van de personen als bedoeld onder d. 4.. Het verbod is verder niet van toepassing: op wegen die liggen binnen de terreinen of gebieden als bedoeld in het eerste lid; voor motorvoertuigen die bij of krachtens de Omgevingsverordening van de provincie Zuid-Holland zijn aangewezen als toestel binnen de bij of krachtens die verordening aangewezen stiltegebieden. 5.. Het college kan ontheffing verlenen van het verbod als bedoeld in het eerste lid.

Verwijzingen