Naar hoofdinhoud

Artikel 3.4.3.3

Weigeringsgronden (Bedrijfs- en pleziervaartuigenverordening)

Onderdeel van Verordening voor de fysieke leefomgeving Leiden 2020

Een ligplaatsvergunning voor bedrijfsvaartuigen wordt, naast de redenen genoemd in artikel 3.4.1.4, geweigerd als: de aanvrager niet beschikt over een bedrijfsvaartuig en/of het niet aannemelijk is dat de aanvrager de betreffende ligplaats binnen 12 weken na het indienen van de aanvraag kan innemen met een bedrijfsvaartuig; de lengte van het bedrijfsvaartuig, wanneer het is gelegen aan een particuliere wal, groter is dan de maat van het aan het water grenzende deel van het betreffende perceel waar de beoogde ligplaats is gesitueerd en waarvan de aanvrager eigenaar of gebruiker is.

Verwijzingen