Naar hoofdinhoud

Artikel 3.4.5.1

Terrasvergunning (APV)

Onderdeel van Verordening voor de fysieke leefomgeving Leiden 2020

1.. Het is niet toegestaan om zonder vergunning van het college en daarnaast in afwijking van de regels als bedoeld in deze paragraaf, een terras in te richten, te exploiteren of in gebruik te geven op een openbare ruimte, op openbaar water of op een voor publiek toegankelijk terrein. 2.. Een vergunning als bedoeld in het eerste lid wordt geweigerd als: een terras (op het water) niet direct grenst aan, of zich in de directe nabijheid van de horeca-inrichting van de aanvrager bevindt; blijkt dat het terras gevaar oplevert voor de bruikbaarheid van de weg en het openbaar water, of voor het doelmatig beheer van de weg en het openbaar water; blijkt dat het terras breder is dan de gevelbreedte van de horeca-inrichting, tenzij het college vindt dat een afwijkende breedtemaat vereist of aanvaardbaar is, gelet op onder meer de belangen van de eigenaren/gebruikers van aangrenzende percelen;’ de aanvraag betrekking heeft op een terras op een binnenplaats of binnenterrein omsloten door woningen, tenzij het college vindt dat overlast voor de eigenaren/gebruikers van aangrenzende percelen kan worden voorkomen door het verbinden van voorschriften aan de vergunning; de aanvraag betrekking heeft op een terras op het water voor het Rapenburg (met uitzondering van de locatie hoek Rapenburg/Noordeinde), de Herengracht, de Zoeterwoudsesingel, de Witte Singel, de Morssingel, de Rijnsburgersingel, de Maresingel, de Herensingel en de Zijlsingel; het verlenen van de vergunning de rechten en/of vrijheden van anderen zal aantasten, dan wel voor ontoelaatbare overlast zal zorgen; voor het terras ook andere vergunningen, ontheffingen, vrijstellingen en dergelijke zijn vereist, die krachtens de desbetreffende wettelijke bepalingen niet kunnen worden verleend. 3.. Het verbod in het eerste lid is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door de Wet milieubeheer, zoals die wet luidde direct voorafgaande aan de inwerkingtreding van de Omgevingswet. 4.. Op de aanvraag om een vergunning als bedoeld in het eerste lid is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing. 5. . Paracommerciële rechtspersonen als genoemd in artikel 4, eerste lid, van de Alcoholwet komen niet in aanmerking voor een terrasvergunning. 6. . Het college kan nadere regels vaststellen ten aanzien van: het waarborgen van de verkeersveiligheid op en nabij het terras; de inrichting van terrassen, inclusief het voeren van reclame op terrassen; het voorkomen van overlast voor eigenaren/gebruikers van belendende percelen; de veiligheid en gezondheid op het water vanwege een terras; de inrichting van terrassen in relatie tot de ruimtelijke kwaliteit van de omgeving.

Verwijzingen