Naar hoofdinhoud

Artikel 3.4.9.1

Standplaatsvergunning en weigeringsgronden (APV)

Onderdeel van Verordening voor de fysieke leefomgeving Leiden 2020

1.. Het innemen van een standplaats is alleen toegestaan als het college daar een vergunning voor heeft verleend. 2.. Het college weigert de vergunning als deze in strijd met het omgevingsplan. 3.. Naast de weigeringsgronden in artikel 3.1.2.6 kan een vergunning worden geweigerd als: de standplaats op zichzelf of in verband met de omgeving niet voldoet aan de redelijke eisen van welstand; een beperking in aantal of in plaats als gevolg van bijzondere omstandigheden nodig is in verband met een dwingende reden van algemeen belang in de gemeente of een deel daarvan. 4.. Het eerste lid is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door de Wet milieubeheer, zoals die wet luidde direct voorafgaand aan de inwerkingtreding van de Omgevingswet, de Wet beheer rijkswaterstaatswerken of de Omgevingsverordening van de provincie Zuid-Holland. 5.. De weigeringsgrond als bedoeld in het derde lid, onder a, is niet van toepassing op bouwwerken. 6.. Op de aanvraag om een vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing.

Verwijzingen