Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4.

Artikel 4.1

Uitgangspunten bij het bieden van hulp

Onderdeel van Verordening domein sociaal gemeente Raalte

(Jeugdwet, Gemeentewet, Awb) 1. . De gemeente ondersteunt jeugdigen en hun ouder(s) zodat zij gezond en veilig kunnen opgroeien, kunnen groeien naar zelfstandigheid, voldoende zelfredzaam zijn en kunnen participeren in de maatschappij. 2. . Uitgangspunt is dat ouder(s) primair verantwoordelijk zijn voor de verzorging en opvoeding van hun kinderen (art. 1:247 BW). De gemeente biedt alleen jeugdhulp als de eigen mogelijkheden en het probleemoplossend vermogen ontoereikend zijn. 3. . Bij het bepalen of jeugdhulp nodig is, onderzoekt de gemeente in ieder geval: wat de jeugdige en zijn ouder(s) zelf kunnen doen; welke gebruikelijke hulp geboden kan worden; welke hulp mogelijk is vanuit het sociale netwerk, mantelzorg en andere voorliggende voorzieningen (bijv. zorgverzekering, WLZ, onderwijs of maatschappelijke ondersteuning). 4. . Slechts voor zover deze mogelijkheden ontoereikend zijn, kan de gemeente een individuele voorziening toekennen. 5. . Indien het beoogde resultaat van de jeugdhulp niet kan worden bereikt op eigen kracht of met inzet van het sociaal netwerk, maar wel met een vrij toegankelijke voorziening, wordt die voorziening ingezet. Het gaat daarbij om algemene voorzieningen, zoals ondersteuning via het Centrum voor Jeugd en Gezin of een (jeugd)welzijnsorganisatie. Pas indien met deze hulp het gewenste resultaat niet kan worden bereikt, komt een individuele voorziening in beeld. 6. . Bij het bieden van hulp houden de gemeente en de jeugdhulpverlener rekening met het geloof, de levensovertuiging en de culturele achtergrond van de jeugdige en de ouder(s).

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel