In deze verordening wordt verstaan onder:
vaartuig: een drijvend lichaam dat wegens zijn drijfvermogen wordt
gebezigd dan wel bestemd of geschikt is voor het vervoer te water
van personen en/of goederen of vervoeren van al dan niet met de
drijvende lichaam één geheel uitmakende voorwerpen;
passagiersvaartuig: een vaartuig dat uitsluitend of in hoofdzaak
wordt gebruikt voor het bedrijfsmatig vervoer van personen;
pleziervaartuig: een vaartuig dat uitsluitend of in hoofdzaak wordt
gebruikt voor recreatie, niet zijnde een passagiersvaartuig;
dag: een etmaal of een gedeelte daarvan;
week: een kalanderweek of een gedeelte daarvan;
maand: een kalendermaand of een gedeelte daarvan;
zomerseizoen: de periode van 1 mei tot 1 oktober;
winterseizoen: de periode van 1 oktober tot 1 mei;
winterstalling: het innemen van een ligplaats gedurende het
winterseizoen;
havens: bevaarbaar water en de daarin of daarlangs gelegen oevers,
kaden, steigers en andere werken;
gemeentelijke jachthavens: aan de gemeente toebehorende of bij de
gemeente in beheer zijnde havens, met uitzondering van havens waarin
hoofdzakelijk met andere vaartuigen dan passagiers- en
pleziervaartuigen een ligplaats wordt ingenomen;
het innemen van een ligplaats: het gebruik van een gedeelte van een
gemeentelijke jachthaven gedurende een van de in de onderdelen d, e,
f, g en h genoemde perioden.
Artikel 1 Begripsomschrijvingen
Artikel 1 Begripsomschrijvingen
Onderdeel van Liggeldenverordening gemeente Veendam