Deze regels hebben als doel dat bij brand van opgeslagen cacao:
de beheersbaarheid van de brand voldoende is geborgd;
de inzet van de publieke brandweer wordt beperkt tot wat gangbaar en evenredig is;
wordt voorkomen dat op voor de omgeving op onaanvaardbare wijze hinderlijke of schadelijke wijze rook, roet, walm of stof wordt verspreid;
grootschalige hinder en maatschappelijke ontwrichting als gevolg van brand wordt tegengaan.