Naar hoofdinhoud

Artikel 5.

Voorwaarden mandaat en machtiging

Onderdeel van Mandaat- en Machtigingenbesluit omgevingsdienst Flevoland & Gooi en Vechtstreek

1.. De directeur houdt zich bij de uitoefening van de aan hem opgedragen bevoegdheden aan de relevante wet- en regelgeving, de door de gemeenteraad vastgestelde kaders alsmede het door burgemeester en wethouders vastgestelde beleid. 2.. Burgemeester en wethouders zorgen ervoor dat de directeur over alle benodigde informatie noodzakelijk voor de uitvoering van het bepaalde in het eerste lid, kan beschikken. 3.. Burgemeester en wethouders treden bij voorgenomen nieuw beleid of beleidswijzigingen in overleg met de directeur over uitvoeringsaspecten. 4.. In afwijking van het eerste lid omvat het mandaat het gedogen van overtredingen van milieuregelgeving, onder de volgende voorwaarden: a.. Dit mandaat geldt tot 1 april 2021. b.. De voorwaarden zoals genoemd in de door de Omgevingsdienst voorgestelde, met haar brief van 26 maart 2020 meegezonden (kenmerk 26032020/MS/cg), werkwijze zijn van toepassing. c.. Het mandaat is alleen van toepassing op het gedogen van milieuovertredingen als er geen samenloop is met het overtreden van wetgeving die niet door de Omgevingsdienst Flevoland & Gooi en Vechtstreek wordt uitgevoerd. d.. De te nemen “gedoogbesluiten” hebben een beperkte looptijd. e.. Bij verzending van elke toestemming tot gedogen ontvangt het college, ter attentie van de afdeling Vergunningen, Toezicht & Handhaving, een afschrift.

Rechtspraak bij dit artikel