De begripsbepalingen van de AVOI zijn op deze nadere regels van toepassing tenzij daarvan uitdrukkelijk wordt afgeweken. In deze nadere regels wordt verstaan onder:
bijzondere verharding: waterdoorlatende, water passerende, natuursteen of sierbestrating;
calamiteit: een onverwachte gebeurtenis waarbij persoonlijk letsel of grote schade dreigt dan wel sprake kan zijn van ernstige leveringsonderbrekingen;
dagmaat: de vrije ruimte tussen leidingen;
dekking: de afstand van het maaiveld tot de bovenkant van het net;
gereedmelding: een melding van de netbeheerder aan het college dat hij zijn werkzaamheden heeft voltooid;
gesloten verharding: asfalt, beton, of een open verharding met cementgebonden funderingen;
groenvoorzieningen: plantvakken, struiken, bermen en gazons
grootschalig evenement: evenementen zoals benoemd in het gemeentelijke beleid.
halfverharding: een waterdoorlatende verharding van lichtgebonden materiaal. Halfverharding wordt altijd aangebracht op een waterdoorlatende, ongebonden fundering van menggranulaat;
handhole: een goed toegankelijke onder het maaiveld gelegen behuizingsconstructie die dienst doet als mechanische bescherming voor kabels en lasmoffen;
huisaansluiting: één of meer aansluitingen tussen een net en een onroerende zaak als bedoeld in artikel 16, onderdelen a tot en met e, van de Wet waardering onroerende zaken;
leidingstrook: strook grond die primair is bestemd voor netten;
leidingtracé: afgebakende lijn van een kabel of leiding geprojecteerd in de openbare ruimte;
melding: melding als bedoeld in artikel 2.1 tweede lid van de AVOI. Het betreft een melding voor werkzaamheden van niet ingrijpende aard, waarvoor geen instemmingsbesluit of vergunning noodzakelijk is;
meldsysteem: MOOR, het door de gemeente gehanteerde digitale meldsysteem;
open verharding: verhardingen van ongebonden elementen (tegels, klinkers en dergelijke);
small cell: een draadloos toegangspunt met klein bereik als bedoeld in artikel 1.1 van de Telecommunicatiewet
startmelding: een melding van de netbeheerder aan het college dat hij zijn werkzaamheden gaat aanvangen;
storing: onvoorzien voorval, waarbij een leiding geheel of gedeeltelijk niet meer kan voldoen aan de functie waarvoor deze bedoeld is;
werkput: een sleuf of lasgat.