Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 6

Artikel 6

Onderdeel van Verordening burgerinitiatieven gemeente Dinkelland 2005

1.. Het verzoek wordt opgenomen op de lijst ingekomen stukken en wordt doorgezonden naar het presidium. 2.. Het presidium toetst of het burgerinitiatiefvoorstel voldoet aan de geldigheidsvereisten als bedoeld in artikel 2 en agendeert het burgerinitiatiefvoorstel voor de eerstvolgende vergadering van de functionele raadscommissie. 3.. De raadscommissie brengt over het burgerinitiatiefvoorstel advies uit aan de raad. Indien de raadscommissie adviseert een verzoek tot agenderen te weigeren, dan neemt de raad daarover een besluit. 4.. De voorzitter van de raadscommissie nodigt de verzoeker en zijn plaatsvervanger schriftelijk uit voor de vergadering waarvoor het burgerinitiatiefvoorstel is geagendeerd. De verzoeker of zijn plaatsvervanger heeft tijdens de commissievergadering de gelegenheid om zijn burgerinitiatiefvoorstel mondeling nader toe te lichten. 5.. De raadscommissie kan tijdens de vergadering waarin het burgerinitiatiefvoorstel wordt behandeld aangeven dat nader onderzoek vereist is alvorens de raad een besluit kan nemen over het burgerinitiatiefvoorstel. 6.. Zo spoedig mogelijk nadat de raad over het burgerinitiatiefvoorstel een besluit heeft genomen wordt dit besluit bekendgemaakt door kennisgeving van het besluit of van de zakelijke inhoud ervan in Dinkelland Visie en op de gemeentelijke website. 7.. Gelijktijdig met de bekendmaking wordt van het besluit mededeling gedaan aan verzoeker.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel