Via een aanwijzingsbesluit kan de burgemeester een vergunningplicht instellen ex artikel 2:98 APV op bedrijfsmatige activiteiten in een pand, branche of gebied. De betreffende exploitanten dienen een vergunning aan te vragen. De bedrijfsmatige activiteiten mogen niet plaatsvinden als:
de uiterste datum voor het indienen van de vergunningaanvraag is verlopen en er geen aanvraag is ingekomen;
de burgemeester de vergunning op de aanvraag niet heeft verleend;
er andere redenen zijn om de bedrijfsmatige activiteiten te staken.
Deze maatregelenmatrix geeft weer hoe in beginsel wordt gehandeld bij specifieke overtredingen.
Vanaf artikel 3 staat per gedraging of situatie beschreven wat de opeenvolgende handhavingsstappen zijn. De matrix sluit aan bij de bestaande horeca-handhaving.
De matrix is zo opgebouwd dat de zwaarte van de maatregel niet alleen afhangt van de zwaarte van de incident of de overtreding, maar ook van de tijd die is verstreken sinds het voorgaande incident of de voorgaande overtreding heeft plaatsgevonden.
Wanneer incidenten of overtredingen binnen een jaar plaatsvinden, wordt de volgende stap in de maatregelenmatrix gezet, met de expliciete vermelding dat de burgemeester de bevoegdheid heeft om beargumenteerd van de matrix af te wijken als concrete omstandigheden de burgemeester ertoe doen besluiten om strenger dan wel soepeler op te treden. Zo kan de burgemeester bij handhavingsacties altijd maatwerk leveren en voldoen aan de eisen van proportionaliteit en subsidiariteit. Dit betekent dat de maatregel niet verder strekt dan noodzakelijk (proportionaliteit) en dat bij de keuze uit verschillende maatregelen geen zwaardere is gebruikt dan de concrete situatie vereist (subsidiariteit).
Als de exploitant van het bedrijf of zijn of haar personeel bij het incident zijn betrokken, hierbij een laakbare rol hebben gespeeld, of onvoldoende in het werk hebben gesteld om het incident te stoppen of het te voorkomen, dan kan de burgemeester het vertrouwen in de exploitant opzeggen en dienovereenkomstig (aanvullende) maatregelen treffen (zie artikel 12).