2.1 Beleving van de openbare ruimte
Verschillende zaken beïnvloeden het beeld van de openbare ruimte. Naast beheer hebben inrichting en gebruik een belangrijke invloed op het beeld buiten. Een goede afstemming is belangrijk om er voor te zorgen dat de kwaliteit van de openbare ruimte tijdens de gebruiksduur hetzelfde blijft. Het Beheerkwaliteitsplan concentreert zich op het beheer van de openbare ruimte, waarbij inrichting en gebruik een vast gegeven zijn.
Inrichting
De inrichting van de openbare ruimte geeft een beeld dat bijdraagt aan de beleving van de openbare ruimte. Een duidelijke inrichting, een kenmerkend karakter en beeldbepalende of opvallende elementen zijn van invloed voor de beleving en het gebruik van de openbare ruimte.
Gebruik
Inwoners, bedrijven en bezoekers maken gebruik van de openbare ruimte. Het gebruik van de openbare ruimte staat in verbinding met de inrichting en het beheer. Wanneer bijvoorbeeld hangjongeren gebruik maken van een locatie kan dit invloed hebben op de beleving van andere gebruikers. Andersom kan het aanpassen van de inrichting en het beheer effect hebben op het gebruik.
Beheer
Het beheer en onderhoud van de openbare ruimte heeft als doel het schoon, heel en veilig houden van de verschillende voorzieningen. Het onderhoud wordt op verschillende niveaus uitgevoerd en sluit zoveel mogelijk aan op de inrichting en het gebruik. Een hoogwaardige inrichting met een hoge gebruikersdruk vraagt om meer onderhoud en vice versa.
2.2 Gebiedstypen
Binnen de gemeente zijn verschillende herkenbare gebiedstypen met een eigen karakter en functie.
Een centrumgebied wordt bijvoorbeeld intensiever gebruikt en is daarmee belangrijk voor een gemeente als het gaat om beleving van de openbare ruimte.
Binnen de gemeente zijn de volgende functionele gebieden te onderscheiden met een verschillende typering, te weten:
Parken
Hoofdinfrastructuur (hoofdwegen kernen) inclusief wijkingangen
Industrieterrein
Begraafplaatsen
Centra
Woonwijken
Sportparken
Buiten de bebouwde kom
In bijlage 1 is een grotere afbeelding van de gebiedstypenkaart opgenomen.
2.3 Burgerpeiling en coalitieakkoord
Uit burgerpeiling in 2017 werd opgemaakt dat het onderhoud aan de openbare ruimte, en dan vooral groen, als zeer matig werd ervaren. Als reactie hierop is in het coalitieakkoord 2018-2022 het onderdeel “mooier groen” opgenomen.
2.4 Beeldkwaliteit
De beleving van de kwaliteit van de openbare ruimte is subjectief. Een ecoloog kan enthousiast zijn over de ruwe bermen langs hoofdwegen, omdat de kruiden er divers zijn. Terwijl een bewoner zich ergert aan het ‘slordige’ beeld. Daarom is er een landelijke standaard systeem ontwikkeld door CROW 1 CROW is een afkorting van Centrum voor Regelgeving en Onderzoek in de Grond-, Water- en Wegenbouw en de Verkeerstechniek om het beeld van de openbare ruimte objectief te kunnen meten.
Wij hebben gekozen voor het hanteren van de CROW-normering1. De CROW maakt voor de kwaliteit van beheer en onderhoud onderscheid in vijf niveaus: A+ tot en met D.
In beheer en onderhoud kan de gemeente kiezen tussen de niveaus A, B en C. A+ en D zijn de referentieniveaus die de uitersten omschrijven. Een A+ kwaliteit is een opleverkwaliteit en geen kwaliteit die voor langere tijd kan worden gewaarborgd. In het voorbeeld van reiniging betekent dit dat zodra iemand iets laat vallen er een onderhoudsmedewerker klaar moet staan om het op te ruimen. Een D-kwaliteit kan ook niet worden gekozen als ambitie of prestatie-eis, omdat voor dit niveau geen onderhoud nodig is. Met als gevolg kapitaalsvernietiging en onveilige situaties.
Om zowel de gemeente als inwoners een duidelijk beeld te geven van een niveau zijn voor niveau A, B en C ambitiekaarten gemaakt, zie de afbeeldingen op de volgende pagina.
CROW beheerniveaus
Afbeelding 2.2 Ambitiekaarten