De Algemene bijdragen vloeien voort uit specifieke afspraken met één of meerdere gemeenten en die zij ieder jaar aan de GGD betalen. Te noemen vallen onder meer:
bij de fusie is overeengekomen dat de gemeente Eindhoven de kosten van de uitloopschaal van medewerkers die van de GGD Eindhoven in de fusie zijn ingebracht zal blijven betalen. Dat wordt jaarlijks berekend en door Eindhoven betaald;
gemeenten bepalen zelf hoe zij de onderzoeklocaties voor JGZ willen organiseren. De ene gemeente regelt en betaalt dat helemaal zelf en de ander laat dat aan de GGD over en vergoedt de kosten dan aan de GGD;
frictie-/sociaal statuutkosten agv de fusie in 1996 worden door de voormalige GGDZOB- gemeenten (allen m.u.v. Eindhoven) vergoed o.b.v. inwoneraantallen;
frictiekosten miv 2013 veroorzaakt door forse vermindering van de contracttaken door Eindhoven, worden o.b.v. afrekening door Eindhoven vergoed.
Over frictiekosten kan nog het volgende worden vermeld. Frictiekosten voor gemeenten hebben zich tot nu toe altijd alleen maar voor gedaan als een langjarige/structurele opdracht van ‘enige omvang’ beëindigd wordt, met name omdat daar vaak vast personeel met specifieke kennis op is ingezet die je niet zo gemakkelijk kunt herplaatsen.
Of er sprake is van frictiekosten en hoeverre die voor rekening van de betreffende gemeenten komen, zal voorafgaand aan de taakbehartiging situationeel/afhankelijk van de omstandigheden door het AB worden bepaald. Relevante omstandigheden zijn de situatie op de arbeidsmarkt, krijgt de GGD tegelijkertijd nieuwe opdrachten, worden er tegelijkertijd meerdere opdrachten beëindigd?
Hoofdstuk
Artikel 35
Verdeling der kosten
Onderdeel van Gemeenschappelijke regeling GGD Brabant-Zuidoost