Naar hoofdinhoud

Artikel 9

Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang

Onderdeel van Verordening rioolheffing 2021

De belasting is verschuldigd bij het begin van het belastingjaar of voor het gebruikersdeel, als dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht. Als de belastingplicht voor het perceel voor het gebruikersdeel in de loop van het belasting jaar aanvangt, is de belasting verschuldigd over zoveel twaalfde gedeelten van het voor dat jaar verschuldigde gebruikersdeel als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven. Als de belastingplicht voor het perceel voor het gebruikersdeel in de loop van het belasting jaar eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van het voor dat jaar verschuldigde gebruikersdeel als er in dat jaar, na het einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven. Het tweede en derde lid zijn niet van toepassing als de belastingschuldige binnen de gemeente verhuist en aldaar een ander perceel in gebruik neemt. Belastingbedragen van minder dan € 10,- worden niet geheven. Voor de toepassing van het bepaalde in het vijfde lid wordt het totaal van de op één biljet verenigde aanslagen rioolheffing of andere heffingen als één belastingaanslag aangemerkt.

Rechtspraak bij dit artikel