De grafbedekking van een particulier graf, algemeen graf of kindergraf kan na het verstrijken van de graftermijn door burgemeester en wethouders worden verwijderd.
Het voornemen tot verwijdering van de grafbedekking wordt gedurende tenminste een jaar, voorafgaande aan het tijdstip waarop de grafbedekking zal worden verwijderd, bekend gemaakt op een op het te ruimen graf te plaatsen bordje en door mededeling op het mededelingenbord van de begraafplaats. Indien het adres van de rechthebbende op de grafbedekking bij burgemeester en wethouders bekend is, stellen zij hem uiterlijk een jaar voor het genoemde tijdstip eveneens behoorlijk per brief van hun voornemen in kennis.
Op grond van een daartoe door de rechthebbende bij burgemeester en wethouders ingediende schriftelijke aanvraag, blijft de grafbedekking na verwijdering nog gedurende drie maanden ter beschikking van degene aan wie een vergunning als bedoeld in artikel 19 was verleend. De schriftelijke aanvraag kan worden ingediend gedurende de in het vorige lid genoemde termijn.
De grafbedekking vervalt aan de gemeente indien:
geen aanvraag op grond van het vorige lid is ingediend en de termijn waarbinnen de aanvraag had kunnen worden ingediend is verstreken;
de grafbedekking niet binnen twaalf weken nadat deze van het graf is verwijderd, is afgehaald.
HOOFDSTUK 5
Artikel 22
Verwijdering grafbedekking
Onderdeel van Verordening op het beheer en het gebruik van de gemeentelijke begraafplaatsen voor de gemeente Bodegraven-Reeuwijk 2014