In de vorige jaren hebben we zowel op het gebied van horeca als detailhandel ingezet op een versterking van het aanbod door middel van clustering van voorzieningen. Dit beleid is succesvol gebleken en daarom zetten we deze strategie voort. Daarmee willen we de leegstand in deze clusters zoveel mogelijk voorkomen. In Enschede ligt de leegstand iets hoger dan gemiddeld in referentiesteden. (Peildatum december 2018). Ongeveer de helft van de leegstaande panden staat langdurig (meer dan 1 jaar) of structureel leeg (lang dan 2 jaar). Deze al aanwezige leegstand en de signalen dat op redelijk korte termijn de behoefte aan winkelruimte fors afneemt vraagt om een terughoudend beleid voor initiatieven buiten de hoofdstructuur.
Wij gaan in ons beleid uit van drie clusters met allemaal een eigen profiel die complementair aan elkaar zijn.
Tezamen vormen zij ‘de hoofdstructuur’. Ons uitgangspunt daarbij is dat we de retailfuncties in deze hoofdstructuur inpassen. Het is dus in beginsel niet mogelijk om nieuwe initiatieven te realiseren buiten de hoofdstructuur.
Hieronder een korte toelichting op de drie clusters binnen de hoofdstructuur.
Cluster 1: De binnenstad (‘funshoppen’)
Het retailaanbod in de binnenstad is primair gericht op ontspanning, vermaak, recreatie, toerisme en vrije tijd. Hier zit de grootste horecaconcentratie met o.a. restaurants, bars en discotheken. Ook bevindt zich hier het kernwinkelgebied met voornamelijk winkels in niet dagelijkse goederen, zoals mode, luxe en vrije tijd. In dit verband is de term ‘funshoppen’ van toepassing.
Op het gebied van vrijetijdsvoorzieningen beschikt de binnenstad over een mix van functies met een accent op culture voorzieningen. Beleving staat centraal. De vele evenementen dragen hieraan bij. Omdat steeds meer mensen werken en wonen in de binnenstad, wordt ook de ontmoetingsfunctie en gemaksfunctie (dagelijkse aankopen en consumentgerichte dienstverlening) steeds belangrijker. Het vraagstuk voor de toekomst is hoe we komen tot een ideale mix en hoe we houden de binnenstad leefbaar (denk bijvoorbeeld aan alle vervoersbewegingen).
Cluster 2: Winkelcentra in wijken (dagelijkse boodschappen)
Winkelcentra bedienen primair de inwoners in de directe nabijheid. De wijkverzorgingsfunctie staat hier voorop. In de winkelcentra maakt men gebruik van diensten voor dagelijks gebruik. De supermarkt is daarbij de belangrijkste drager. We zien wel dat inwoners bereid zijn steeds verder te reizen voor hun dagelijkse boodschappen.
Afhankelijk van het aanwezige aanbod en het verzorgingsgebied maken we onderscheid in drie typen winkelcentra, met een afnemende omvang: het wijkwinkelcentrum, het buurtcentrum en het gemakscentrum. Voor ieder type is er een beleidskader (zie paragraaf 3.2.4). Uitgangspunt van beleid is behoud en, bij aantoonbare behoefte, in sommige gevallen uitbreiding van bestaande supermarkten. Er is in Enschede geen ruimte voor de komst van nieuwe supermarkten (gemaksconcepten uitgezonderd). Dit betekent ook dat we op solitaire locaties in principe niet mee werken aan uitbreiding.
Cluster 3: Detailhandelsclusters (‘runshoppen’)
Wij hebben in Enschede twee perifere detailhandelsclusters, te weten het Woonplein en de Zuiderval. Deze clusters zijn gericht op doelgericht aankopen, ook wel ‘runshoppen’ genoemd. De horeca in deze gebieden past binnen dit profiel (snelle service) en/of zijn ondersteunend.
Het profiel voor het Woonplein is dat het om goederen gaat voor ‘in en om het huis’. Dit is een verbreding van het profiel van de traditionele woonboulevard. De branchering die wij hanteren hangt hiermee samen.
Deze verbreding mag echter niet ten koste gaan van de binnenstad. In een samenwerking tussen het woonplein en de binnenstad zien wij kansen voor enerzijds een verbreding op het woonplein en anderzijds behoud van winkels in de binnenstad.
De Zuiderval heeft nog geen duidelijk profiel. Daarom hanteren we nu een algemene branchering. Nieuwe detailhandel die niet past in deze branches is niet toegestaan. Buiten deze clusters willen wij geen nieuwe volumineuze en grootschalige detailhandel toe staan.
Dit omdat Enschede in de periferie al relatief veel doelgericht winkelaanbod heeft en we daar deze twee detailhandelsclusters willen behouden.
Overige (verspreide) retail buiten de hoofdstructuur
De focus op de hoofdstructuur heeft effect op de meer verspreide en solitaire retail in onze stad. We vinden dit aanbod vaak terug aan de radialen (aanloopstraten, invalswegen, singelstructuur). Ten aanzien van deze retail zien we een aantal ontwikkelingen en vraagstukken op ons afkomen:
De verspreide panden met een retailbestemming kennen een relatief hoge leegstand in onze stad (het gaat om circa een derde van de totale leegstand in onze stad).
De vraag naar (traditionele) detailhandelsmeters, waaronder die aan de radialen, neemt af.
Een deel van deze panden wordt ingevuld met ‘niches’ en/ of met andere functies
Hoewel de binnenstad een onmiskenbaar concentratiegebied is, zien we ook in de rest van de gemeente een groot en verspreid aanbod van horeca. In de woonwijken overheerst (zoals gebruikelijk) de branche ‘snelle service’ (snackbars, grillrooms, broodjeszaken, etc.), maar er zijn in diverse wijken ook drankverstrekkers (cafés/bars) en restaurants aanwezig.
Er blijft altijd een vraag naar retailvastgoed buiten de hoofdstructuur. Dit in verband met bereikbaarheid, parkeren en (lagere) huurprijzen. De verwachting is wel dat de vraag minder wordt.
Leegstand van panden kan leiden tot onwenselijke situaties voor de omgeving (verloedering van het pand of invulling van overlastgevende of ondermijnende retailfuncties).
Transformatie van een deel van deze winkelmeters naar andere functies is naar de toekomst nodig.
Echter zijn de programmatische en/ of bouwkundige mogelijkheden voor bijvoorbeeld woningbouw, kantoor- of bedrijfsmatige functies beperkt.
Om de hoofstructuur te beschermen werken we op deze verspreide plekken niet mee aan uitbreiding van het aantal vierkante meters horeca of detailhandel, tenzij het initiatief voldoet aan de criteria in de hierna beschreven categorieën. Wel staan we open voor passende functiewijzigingen op deze plaatsen. De integrale afweging van deze initiatieven gebeurt door het college. Het Kompas Ruimtelijke Initiatieven is het instrument dat we daarvoor gebruiken. (https://www.enschede.nl/wonen-bouwen/richting-aan-ruimte/kompas-ruimtelijke- initiatieven )
In dat kader is binnen de bestaande retailstrips onderlinge uitwisseling van functies (bijvoorbeeld horeca-detailhandel-consumentengerichte dienstverlening) mogelijk.
Hoofdstuk 2.
Artikel 2.3.1
Lijn 1: Behoud en versterken van de hoofdstructuur
Onderdeel van Beleidskader Retail in Enschede