Zoals eerder vermeld is de afgelopen jaren de vraag naar datacenterdiensten sterk gegroeid en daarmee groeit de elektriciteitsbehoefte ook. Dit heeft gevolgen voor het elektriciteitsnet en de ruimte voor andere economische ontwikkelingen. Om klimaatverandering tegen te gaan is het daarnaast van belang de CO2-uitstoot drastisch te verminderen en efficiënt om te gaan met de aanwezige grondstoffen. Dit heeft tot gevolg dat aan het energie-, water- en ruimtegebruik van datacenters grenzen worden gesteld. Nieuwe datacenters moeten voldoen aan voorwaarden voor energiebesparing, duurzame warmte (en koude), duurzame opwek en daarnaast aan voorwaarden voor circulair bouwen.
De PUE (Power Usage Effectiveness) van datacenters is de laatste jaren sterk afgenomen door een focus op energie-efficiëntie voor koeling en ICT binnen datacenters. (de PUE is de waarde van het totale energieverbruik, gedeeld door de hoeveelheid energieverbruik van ICT-apparatuur). De verwachting is dat er de komende jaren met name energiebesparingspotentieel te benutten is voor ICT-hardware. Bijvoorbeeld door energiebesparing bij dataservers. De energiebesparing bij de dataservers moet uiterlijk eind 2022 worden toegepast bij alle bestaande datacenters.
Nadat deze besparing verzilverd is, hebben datacenters nog steeds een fors aansluitvermogen van elektriciteit nodig. Van dit vermogen wordt in de regel slechts een gedeelte benut, de rest is ingericht als back-up- en noodvoorziening. De gebruikte elektriciteit komt voor >90% als warmte (thermische energie) uit het datacenter en wordt afgegeven aan de omgeving. Het gaat om aanzienlijke hoeveelheden restwarmte. Het gebruik van deze warmte kan, onder de juiste condities, bijdragen aan het verwarmen van de gebouwde omgeving.
De elektriciteitsvraag dient zo duurzaam mogelijk te worden ingevuld. Dit betekent dat wordt voorzien in de elektriciteitsvraag met behulp van duurzame en hernieuwbare energie. Dit doormiddel van opwek op de kavel en inkoop van hernieuwbare energie.
Voor het koelen van datacenters worden nu doorgaans grote (honderden kubieke meters per uur) hoeveelheden (drink)water verbruikt. Het gebruik van grondwater als koelmedium is enkel toegestaan als onderdeel van een WKO-systeem. De techniek voor het WKO-systeem dient gerealiseerd te worden op het eigen terrein, uitgezonderd situaties waarbij de WKO onderdeel is van een bestaand warmtenet. Het gebruik van drinkwater dient zoveel mogelijk te worden beperkt.
Wij hanteren de Gemeentelijke Prestatie Richtlijn Gebouw (GPR Gebouw) om duurzaamheid van gebouwen meetbaar en inzichtelijk te maken. Datacenters zijn bedrijfsgebouwen en dienen dan ook te voldoen aan de streefwaardes zoals opgenomen in het vigerende GPR-beleid of vergelijkbare of betere prestaties aangetoond met een ander keurmerk.
Deze duurzaamheidsparagraaf is van toepassing op nieuwe datacenters en uitbreiding van het aansluitvermogen bij bestaande datacenters van meer dan 5 MW. De ambities in dit beleid op het vlak van energie en duurzaamheid zijn veelal (nog) niet in wetgeving verankerd. Het betreft ambities van gemeente Haarlemmermeer. Tegelijk zijn we ons ervan bewust dat de totstandkoming van wet- en regelgeving een lang traject doorloopt terwijl er op korte termijn veel datacenters gebouwd zullen worden. Het is vanuit maatschappelijk belang dat wij willen dat deze datacenters bijdragen aan het beperken van energieverbruik en aan de energietransitie. Bij vestiging binnen Haarlemmermeer willen wij dat datacenters onze ambities (privaatrechtelijk) onderschrijven en samen met ons tot een invulling komen die meerwaarde levert.
Als in de uitgifte door een marktpartij (bijvoorbeeld een grondeigenaar) in de locatie specifieke voorschriften en/of uitgiftevoorwaarden hogere (duurzaamheids-) eisen stelt, dan zijn (en blijven) deze leidend.
Hoofdstuk 6
Artikel 6.3
Duurzaamheid en energie
Onderdeel van Besluit van de gemeenteraad van de gemeente Haarlemmermeer houdende regels omtrent Datacenterbeleid gemeente Haarlemmermeer