Op grond van artikel 3.2.9 Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers en artikel 3.6 Regeling rechtspositie decentrale politieke ambtsdragers wordt er een vergoeding verstrekt bij gemaakte kosten voor woon-werkverkeer alsmede voor zakelijke reizen.
Voor zakelijke reizen buiten de provinciegrens wordt een dienstauto voor gemeenschappelijk gebruik ter beschikking gesteld als bedoeld in artikel 3.2.10 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers en artikel 3.8 van de Rechtspositieregeling decentrale politieke ambtsdragers.
Voor de zakelijke reizen, bedoeld in artikel 2.2 van deze regeling, kan de burgemeester of de wethouder gebruik maken van een chauffeur.
Onder gebruik voor zakelijke reizen wordt in dit artikel verstaan, gebruik dat voor de toepassing van artikel 13bis van de Wet op de loonbelasting 1964 en de daarop berustende bepalingen niet als gebruik voor privédoeleinden wordt aangemerkt.
Voor zover de burgemeester of de wethouder gebruik maakt van de dienstauto voor gemeenschappelijk gebruik, heeft hij geen aanspraak op vergoedingen van reiskosten, bedoeld in artikel 3.2.7, tweede lid, onder b, en artikel 3.2.9, eerste lid van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.
Boetes en naheffingsaanslagen worden niet vergoed.