De tarieven voor 2021 zijn verhoogd met 1%, tenzij het Rijk dit anders heeft voorgeschreven. Voor de producten reisdocumenten en rijbewijzen is het tarief opgebouwd uit een deel rijksleges en een deel gemeenteleges. De rijksleges worden bepaald door het Rijk. Daarnaast stelt het Rijk een maximum prijs vast van deze producten. De maximum prijzen voor 2021 zijn op dit moment nog niet bekend, daarom is het tarief van 2020 nu nog gehandhaafd. Het college is op basis van de Legesverordening bevoegd om het tarief aan te passen, wanneer de nieuwe maximum tarieven bekend zijn. De kosten voor uittreksel uit de burgerlijke stand worden door het Rijk bepaald. De kosten van de Eigen Verklaring van het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (in sommige gevallen nodig voor het verlengen van een rijbewijs) worden één op één doorberekend aan de inwoner.
Om de kostendekkendheid van de leges voor omgevingsvergunningen niet te overschrijven, zijn deze tarieven onveranderd ten opzichte van 2020.
Overige tarieven die door het Rijk worden bepaald zijn verstrekkingen op basis van de Wet Openbaar Bestuur (titel 1, hoofdstuk 7) en kansspelen (titel 1, hoofdstuk 15) . Hier heeft de gemeente geen invloed op.
Dat de aanvraag voor de rijbewijzen en de reisdocumenten nu bij de mensen thuis wordt gedaan heeft invloed op de kostendekkendheid. De aanvraag van deze documenten kost nu veel meer tijd en dus gaan de kosten omhoog. Vanwege het Coronavirus worden er op dit moment geen aanvragen meer bij de mensen thuis gedaan. Of deze situatie ook in 2021 nog zo blijft, is op dit moment niet te zeggen. Bij de berekening van de kostendekkendheid is er vanuit gegaan dat in 2021 weer bij de inwoners thuis een aanvraag kan worden gedaan. Voor het thuisbezorgen van de documenten kan eventueel een bedrag van maximaal € 15,33 per document bij de burger in rekening worden gebracht. De burger heeft echter geen keuze hierin en dit past niet bij de door de gemeente gewenste excellente dienstverlening.
Er is onderzoek gedaan naar de kostendekkendekking van de leges voor 2021. Voor de tarieven van de leges geldt dat deze maximaal kostendekkend mogen zijn. Wanneer er sprake is van veel verschillende tarieven in een verordening zoals bij leges, hoeft de maximale kostendekkendheid niet per tarief te gelden. Dat kan zolang het maximum van 100% voor het geheel van de verordening niet overschreden wordt. Door kruissubsidiëring is het mogelijk om de ‘winst’ van bepaalde producten te gebruiken om het ‘verlies’ op andere producten te dekken. Uit het onderzoek is gebleken dat de kostendekking uitkomt op 88,64%. Dit onderzoek vindt u bij het raadsvoorstel.
Reden van de heffing
Doorberekenen van de lasten verbonden aan het in behandeling nemen van aanvragen van diverse diensten.