Overeenkomstig artikel 9, derde lid, aanhef en onder f, van de Algemene subsidieverordening Uitgeest 2016 kan subsidieverlening worden geweigerd als:
aannemelijk is dat de activiteiten ook zonder subsidie zonder belangrijke vertraging zouden worden uitgevoerd;
voor dezelfde ondersteuningsbehoefte al subsidie is verleend op grond van een andere regeling;
in het door de aanvrager beoogde doel al in voldoende mate wordt voorzien door andere organisaties.